Mormoonhuishouding

Vorige week donderdagochtend stonden er een tweetal jongemannen in het zwart voor mijn deur. Op hun zwarte jassen hadden ze naambordjes geprikt en als je niet beter wist, dacht je dat beide mannen de naam Elder droegen. Een van de twee mannen nam het woord en de ander, net zijn jeugdpuistjes ontgroeit, hield zich stil, maar knikte na iedere gesproken zin van de ander bevestigend.
   Gewoonlijk melden zich –bijna- maandelijks een paar getuigen van Jehova aan onze voordeur en dan neem ik altijd een blaadje of foldertje aan, met de belofte om het door te lezen, in de hoop dat ze snel weer doorlopen naar de buren. Maar de mormoonse jongemannen zie ik hier in Almere eigenlijk alleen in de zomer. Op hun fiets, gekleed in witte overhemdjes en zwarte broeken en stropdasjes, onderweg naar waar ze van plan waren te gaan.
   Persoonlijk vind ik mormoonse mensen leuker dan de getuigen van Jehova. Misschien komt het wel door hun uniforme kleding; zwart-wit. Het oogt beter dan de (te vaak gedragen) zondagse kleding van de andere groep mensen. En natuurlijk vind ik mormonen leuker dan Jehova’s getuigen, niet omdat het altijd jongemannen zijn die voor mijn deur staan, maar ik heb een kleine geschiedenis met de leden van de kerk van Jezus Christus van de Heiligen der laatste dagen.
   Denk niet meteen dat ik een evangelische bekentenis zal afleggen. Dat is niet nodig, omdat ik dat ook niet kan doen. Het is namelijk zo: een van mijn zussen was in het jaar 1973 een groot fan van de popgroep The Osmonds. Ter informatie voor de mensen geboren na de jaren zeventig; de leden van The Osmonds waren allemaal broers uit een mormoons gezin. De meeste fans zullen destijds de plaatjes en posters hebben aangeschaft. Mijn zus wilde meer. Zij sloeg een beetje door en vond dat ze naast het luisteren van de muziek ook naar de kerk van Jezus Christus van de Heiligen der laatste dagen in Den Helder moest gaan. Overigens noemden wij het thuis gewoon de mormoonse kerk.
   Dit kerkbezoek van mijn zus had als gevolg dat er voor een half jaar lang, wekelijks (of vaker) twee jongemannen in zwart-witte kleding bij ons over de vloer kwamen. Dan kregen ze een glaasje sinas. Ik noemde hen beiden Elder, want Amerikaanse namen als Wayne of Perry waren nog niet zo algemeen in Nederland zoals ze vandaag de dag zijn. Het was dolle pret wanneer een van de Elders mij ging voorlezen uit de Donald Duck. Hij sprak de namen van de Disney-figuren met een Amerikaans accent uit, waar mijn ouders en zussen hartelijk om moesten lachen. Ik lachte vrolijk mee, maar mij ontging de grap een beetje.
   Wat ik me verder nog van de mormoonse kerk in Den Helder kan herinneren is dat er na een half jaar geen Elders meer bij ons over de vloer kwamen. Deze waren vervangen door een echtpaar. Twee oudere mensen die ons het evangelie met verhalen uit het Boek van Mormon wilden vertellen. Verhalen die ik als kind eng vond (muren gestapeld van schedels). Dit was voor mijn moeder het moment en de reden dat ze de (kerk) deur voortaan gesloten hield.
   De jongemannen die vorige week donderdagochtend voor de deur stonden wilden mij een visitekaartje overhandigen. Ik kreeg hierbij de uitleg dat op het kaartje de facebookpagina van hun kerk vermeld stond en dat ik deze vrijblijvend kon bezoeken. Ik nam het kaartje aan en deed mijn valse belofte. Ze vertrokken lachend bij de voordeur en ik lachte vriendelijk mee, maar waarom dat ontging me een beetje.

Advertenties

Auteur: Dray

'Je wordt met de lach leuker.'

1 thought on “Mormoonhuishouding”

U mag reageren.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s