Bij ons in de straat, een paar huizen verderop, woont een gezin die er hartstikke goed in is om mijn echtgenoot en ik compleet te negeren. De oorzaak hiervan ligt zeer waarschijnlijk in het feit dat wij (mijn echtgenoot en ik) homoseksueel zijn. Dit doen ze overigens al jaren, en inmiddels doen mijn echtgenoot en ik ook maar alsof deze mensen lucht zijn. Na hen in het verleden een paar keer te hebben gegroet, om vervolgens geen reactie te krijgen, zie ik het groeten aan hen als een vage herinnering. Wees gegroet en toedeloe. De reden van deze zwijgzame behandeling komt ook door hun geloofsovertuiging’.

Deze ‘lieve’ buren zijn bijbelgelovigen, maar ik denk dat het exemplaar op hun nachtkastje de hoofdstukken Mattheus 22:36-40  (daar waar de bijbel het heeft over ‘hebt uw naaste lief’) mist. Ook kan de reden van de homofobe ontkenning worden veroorzaakt door de seksuele onzekerheid van de buurman zelf. Ik heb geen zogenaamde gay-dar, maar de man straalt wel regenboogkleuren uit.

Buren. Je zoekt ze niet uit. Ze worden je toegewezen. Net als familie. De groep mensen waarvan je het maar moet hebben, volgens de tegeltekst. Zo heb ik neef en tevens naamgenoot (voor- en achternaam) die in de hoofdstad van IJsland, Reykjavik, woont. Een paar jaar geleden kwam ik hem op Facebook tegen, en ik dacht: leuk, even een vriendschapsverzoekje doen. Ook hier heb ik, net als het groeten aan mijn buren een paar huizen verder, geen reactie op mogen ontvangen. Aardig detail: mijn zussen werden nog in diezelfde week Facebookvriend met deze homofobe neef op IJsland. Dat zijn momenten waarbij ik een modern en populair woord van verbazing binnensmonds mompel:  Dafuq?.

Natuurlijk voel je je op zulke onverwachte momenten gekwetst. Het is een mes in de rug. Maar gelukkig niet in de letterlijke zin van het woord. Persoonlijk laat het bij mij geen littekens achter. Het is wel een openbaring. De mensheid is helemaal niet zo vroom. Deze snobistische homofoben vinden de seksuele geaardheid van homoseksuelen angstig, maar eigenlijk is de aard van hun angst vele malen ernstiger.

 

Vroeger, nog voordat ik mijn melkgebit mocht inwisselen voor een volwassen exemplaar, was ik een echte zoetekauw. Met groots plezier en het grootste gemak maalde ik al het snoepgoed en al die andere suikerzoete versnaperingen met mijn melkkiezen weg. Op tweejarige leeftijd wist ik op een vroege zondagochtend stiekem een doos met tompoezen uit de koelkast weg te pakken, om vervolgens, veilig op mijn slaapkamer, twee exemplaren weg te werken en de resterende tompoezen onder mijn bed te verstoppen. Het consumeren van alle zoetigheid hield mij meer dan alleen zoet.

Natuurlijk werden nog diezelfde dag de resterende tompoezen door mijn moeder of door een van mijn zussen teruggevonden, en zal ik ook op die jonge leeftijd mijn verantwoording hebben moeten afleggen voor het verduisteren van de gebakjes. De jacht naar zoetigheid heeft zich gedurende mijn hele jeugd voortgezet. Tot grote ergernis van mijn ouders. Ik kon me in de jaren zeventig van de vorige eeuw als een suikerjunk gedragen wanneer ik van mening was dat mijn suikerspiegel op peil moest blijven.

Ik heb me ooit thuis, totaal misdragen in de aanwezigheid van visite, toen ik van mening was dat ik recht had op (nog) een abrikozenflap. Als een debiele dwaas riep ik constant dat ik een abrikozenflap wilde, en bij het negeren door mijn ouders (en de visite) eindigde dat bij mij in het herhaaldelijk roepen van het woord: Abrikozenflap. Wanneer ik mijn eigen kind was geweest, had ik mijzelf destijds een flink pak rammel gegeven in plaats van een zoethouder.

Voor de rest was ik tijdens mijn jeugd een heel lief, rustig en zoet kind, en wordt er tegenwoordig alleen nog maar smakelijk en vermakelijk over mijn dwaze uitspattingen gesproken. Snoepen is inmiddels niet meer aan mij besteed. Sinds 2007 ben ik bewust gestopt met het gebruik van suiker, maar zo af en toe heb ik een terugval. Dat uit zich eigenlijk alleen in het ‘trek hebben’ van toetjes. Waar ik vroeger al kon genieten van chocoladevla uit de fles, geniet ik nog steeds van vla uit geplastificeerd karton .

Thuis genieten we van ons toetje. We gebruiken het nagerecht om de dagelijkse maaltijd met een zoete voldoening te sluiten. Dat gebeurt met de eerder genoemde chocoladevla, maar ook met een schaaltje yoghurt of een pudding. Het laatste vooral wanneer Albert Heijn weer eens een aanbieding heeft van ‘tweede artikel gratis’. Dan eten we graag ieders een Mona-pudding, maar vaak vallen we terug op het schaaltje aardbeienyoghurt of chocoladevla.

Sinds anderhalve week hebben we de gewoonte om de maaltijd af te sluiten met kookpudding. Zelfgemaakt met de hulp van Dokter Oetker (wiens naam ik nog steeds uitspreek met een lange oe-klank). Heel makkelijk, heel lekker en lekker goedkoop. Gewoon een halve liter melk aan de kook brengen, pakje kookpudding erbij gieten en vervolgens twee minuten op laag vuur blijven roeren en in dessertschaaltjes uitgieten. Wanneer je ongeduldig bent kun je de pudding warm opeten, maar wij laten het een paar uur afkoelen.

dessert

De Amerikaanse televisiezender CBS gaat in samenwerking met de makers van de recente de Star Trek-films aan de slag met een nieuwe televisieserie gebaseerd op de originele serie uit 1966. De nieuwe Star Trek-serie moet vanaf januari 2017 op de Amerikaanse televisie te zien zijn

Producent Alex Kurtzman, die nauw betrokken is bij de Star Trek-films sinds 2009, is op zoek naar schrijvers voor de nieuwe televisieserie. De gloednieuwe Star Trek-serie introduceert nieuwe personages, op zoek naar nieuwe werelden en nieuwe beschavingen. Net als in de allereerste serie uit 1966.

De nieuwe serie zal de eerste originele serie, speciaal ontwikkeld voor het Amerikaanse publiek, voor de betaalzender ‘CBS All Access‘ zijn, een streaming-service te vergelijken met Netflix. Voor een maandelijks bedrag van $ 5,99 kunnen de Amerikaanse kijkers de nieuwe (en tevens oudere) Star Trek bekijken. Over hoe, wanneer en waar de nieuwe Star Trek op de Nederlandse televisie te zien is, is nog niet bekend.

Neurowetenschapper Russell Foster zegt dat het beter is om, vlak voor het slapen, in het donker je tanden te poetsen. Hiermee zal je sneller de slaap vatten wanneer je in je bed ligt.

Foster (professor aan Oxford) beweert dat het felle licht in de meeste badkamers het lichaam wekt, terwijl het dan juist zou moeten rusten. Tandenpoetsen in het donker kan helpen om die ‘ruststand’ te behouden, waardoor je sneller in slaap valt.

De wetenschapper weet dat wanneer het donker is, je lichaam signalen krijgt dat het bedtijd is. Plotseling het licht in de badkamer aanzetten werkt erg verstorend. Badkamerverlichting met een dimmer zou een ideale oplossing zijn.

Gemiddeld brengt een mens 36 procent in zijn leven slapend door. Slaapgebrek kan leiden tot een verslechterd immuunsysteem en een hoger risico op obesitas en geestesziekten. Het is daarom, volgens Foster, belangrijk om op je biologische klok te letten en het natuurlijke ritme zo min mogelijk te verstoren.

Ik zal er vanavond eens opletten wanneer ik mijn tanden, zo vlak voor het slapen gaan, zal poetsen. Mocht ik toch per ongeluk het felle badkamerlicht aan doen, dan drink ik wel een extra glaasje wijn. Dan val ik zó in slaap. Of is dat soms ook niet goed voor mijn lichaam en geest?

brush