DRAY BOSMA

C'est juste un blog.

Wanneer je een vallende ster ziet, of wanneer er een lieveheersbeestje op je landt en ook wanneer je de kaarsen op jouw verjaardagstaart uitblaast, mag je een wens doen. Dan mag je het verlangen naar iets bekendmaken. Volgens traditie mag je dit trouwens alleen in gedachten verkondigen. Dus ook wanneer je een muntje in een wensput gooit mag je een wens doen. Maar spreek ‘m niet hardop uit, anders komt de wens niet uit. Er zullen nog wel veel meer redenen zijn om het verlangen naar iets even onder de geestelijke aandacht te brengen. Ik hoorde laatst dat het ook mag bij het wegblazen van een oogwimpertje of bij het wegblazen van paardebloempluizen. Ik ben geen wensexpert, maar het zal wel zo zijn.

Er bestaan veel verhalen waarin het doen van wensen centraal staat. Vaak mag men één, drie of zelfs meer wensen doen, maar daar hebben de wensen wel onvoorziene effecten, of worden ze met een andere, soms letterlijke, interpretatie vervuld (de mop van de man die een piemel tot aan zijn knieën wilde, kreeg kortere benen). Een andere variatie is het duivelspact, waarbij iemand zijn ziel aan de duivel verkoopt of dat de duivel eerst schijnbaar voor niets een wens vervult, maar dat er toch een addertje onder het gras zit. De boodschap is: Wees voorzichtig met wat je wenst, want voor je het weet komt deze uit.

Categorieën: Read

De afgelopen jaren had ik een abonnement op een tijdschrift, welke me wekelijks door de brievenbus werd aangeboden. Nadat ik iedere week het tijdschrift had doorgebladerd ging het op een stapel om op een later tijdstip aan familieleden doorgegeven te worden. Totdat ik een jaar geleden niet meer de moeite nam om het tijdschrift uit de plastic verpakking te halen en deze ongelezen op een stapeltje gooide. Ik begon me af te vragen waarom ik het abonnement nog aanhield. Na enkele maanden begon ik serieus af te vragen waarom ik niet had opgezegd.

Uiteindelijk besloot ik dan in het voorjaar om via de website opzeggen.nl om het abonnement te beëindigen. Vanzelfsprekend werd ik enkele weken daarna telefonisch benaderd over het waarom ik mijn abonnement wilde eindigen. Ik heb netjes gemeld dat ik het tijdschrift niet meer inkeek en dat dit voor mij voldoende reden was om niet langer het tijdschrift te willen ontvangen. De mevrouw aan de andere kant van de telefoonlijn had ik hier begrip voor. Voorzichtig vertelde ze me dat ik nog wel mijn abonnement tot begin september 2021 moest uitzingen, maar dat vond ik niet erg.

Vanaf september bleef het op de donderdagen rustig in mijn brievenbus. In tegenstelling tot mijn mailbox en voicemail. Ik kreeg nu steeds herinneringen over vooral zeer mooie aanbiedingen om vooral mijn eerder opgezegde abonnement toch te herstarten. In het begin dacht ik deze herinneringen nog te kunnen negeren, maar uiteindelijk werd ik voor mijn gevoel meer dan eens in de week herinnerd om vooral een nieuw abonnement af te sluiten. Alsof men dacht dat ik voor een nieuw abonnement ging, omdat ik zo hinderlijk achtervolgd werd.

Uiteindelijk werd ik de afgelopen maand gebeld en ge-e-maild met een frequentie die veel hoger lag dan het wekelijks aanbieden van het tijdschrift tijdens mij abonnement. Waar mijn iPhone voorheen het nummer waarmee ze belden eerst het nummer negeerde, besloot ik het nummer nu op te slaan onder naam van het tijdschrift. Ik was er klaar voor om de mensen achter deze martelingsmethode aan te spreken. Toen ik vanmiddag wederom werd gebeld door het inmiddels voor mij bekende nummer was ik er klaar voor.

Een uiterst vriendelijke vrouwenstem sprak mij opgewekt aan over het abonnement dat ik voorheen had, maar heel ongezellig heb ik de mevrouw aan de telefoon geïnterrumpeerd en kribbig gemeld dat ik uit hun systeem gehaald wil worden. Ik wilde haar duidelijk maken dat de manier van benaderen van hun veel minder vriendelijk ervaren wordt dan dat ik nu tegen haar deed. Ze anticipeerde hier verrassend goed op en wees mij op het recht van bezwaar, waarmee ik kan aangeven niet langer via direct marketing benaderd wens te worden. Ik ben weer blij. Ik hoop voortaan van deze agressieve manier van herinneren verlost te zijn.

Categorieën: Read

Het is niet druk in de trein naar mijn werk. Die ene dag in de week dat ik naar kantoor in Amsterdam ga, reis ik buiten de spits. Bijna iedereen zit met mondkapje voor zich uit, of naar het scherm van de smartphone te staren.
‘Ik ben niet dol op mensen,’ zegt een stem van een man die ik niet kan zien. ‘Ik bedoel hiermee de mens in het algemeen,’ vervolgt hij. ‘Het is niet dat ik een hekel aan een bepaalde gezelschap heb. Je moet nooit zomaar een groep mensen uitsluiten. De geschiedenis heeft ons geleerd dat niemand daar wijzer van wordt. Ik veroordeel je dan ook echt niet wanneer je -in tegenstelling tot ikzelf, niet gevaccineerd bent tegen Covid-19. Dat is helemaal jouw keuze.’
‘Dat klopt,’ antwoordt een andere stem. Het is de stem van een vrouw, die veel rookt. Of heeft gerookt.
‘Wanneer het niet vaccineren consequenties oplevert, hoort dat ook bij jouw keuze,’ zegt de man.
‘Zoals het G2-beleid,’ bevestigt de vrouw.
‘Dus dat, ‘ zegt de man. ‘En wanneer je deze komende weken het heel belangrijk vindt om alleen ouderwetse, en daarmee stereotype, zwartepieten te gebruiken voor het sinterklaasfeest. Ga je gang. Ook jouw voorkeur. Het maakt het wel dat je discrimineert, maar dat kunnen ze met hun conventionele gedachten toch niet bevatten, de kleine racisten.’
Ik hoor de vrouw rokerig lachen. Ze is het met haar medereiziger eens.

‘Toch is er een groep mensen die ik bijna uit liefde naar het hiernamaals vervloek,’ bekent de man ineens. ‘Dat zijn de mensen die zonder verlichting in het donker over straat gaan. De onverlichte fietsers en -hardlopers die het niet erg vinden dat anderen zich het leplazarus schrikken wanneer ze ineens aan de andere verkeersdeelnemers tevoorschijn komen.’
‘Kiekeboe, maar dan minder grappig,’ antwoordt de vrouw lachend.
De man kucht om de grap te bekoelen.
‘Ja. Van die mensen die serieus denken dat een minuscuul lampje hen enorm zichtbaar maakt. Een zwak lichtgevend pisstraaltje voor op het fietsstuur of de arm. Zo’n armetierig lichtbundeltje redt niemands leven.’
Ik hoor dat de vrouw een serieus, instemmend keelgeluid maakt.
‘En wanneer je dan doodgereden wordt, moet je niet klagen bij de hemelpoort. De keuze van slechte verlichting in het donker, is als een toegangskaartje naar de eeuwigheid.’
De vrouw lacht vol plezier.

Ik hoor verder niets meer van het gesprek. De stem van de conductrice meldt ons, de geachte reizigers, dat we over enkele ogenblikken station Amsterdam-Zuid binnenrijden. Ze attendeert ons nog op onze bagage, maar ik ben al opgestaan om juist over die enkele ogenblikken deze trein te verlaten.

Categorieën: Read

Fred sprong op van zijn stoel en keek in de achtertuin. Zag hij nu weer die poes van de buren in zijn tuin poepen? Dit was niet de eerste keer dat hij het grijze dier van de twee buurmannen, die schuin tegenover hem woonden, een drol voor hem in zijn back yard achterliet. In zijn geboorteplaats Pittsburg, Pennsylvania, waar hij tot zijn twintigste had gewoond, was het ongehoord, eigenlijk onmogelijk, dat een huisdier van anderen een stinkende boodschap bij anderen achterliet. Wat dat betreft vond hij Nederland een vies en ongemanierd land.


Vandaag had hij er genoeg van. Hij had de beslissing genomen om er nu iets van te zeggen. Hij haalde zijn schoenen vanonder de bank vandaan, stapte er snel in en was al onderweg naar de katteneigenaren. De twee buurmannen schuin tegenover op de hoek. De buurman van de hoek zat deze dinsdagavond achter de computer. Hij had vandaag een drukke dag op het werk gehad en vanavond wilde hij even de gedachten verzetten. Hij had al een tijdje gehoord over het bijhouden van een weblog en hij was nieuwsgierig of het ook echt leuk was.

Fred drukte de voordeurbel in. Een enorm kabaal klonk er vanachter de voordeur. Er kon geen twijfel over bestaan; als er iemand thuis was, hadden ze de deurbel wel moeten horen. Tenzij men dood of stokdoof was. Maar daar was bij de beide buurmannen geen sprake van. Na een kleine minuut werd er opengedaan en een van de buurmannen keek Fred vragend aan. Hij raapte alle moed bij elkaar en vertelde de buurman wat hem op het hart lag.

‘Uw poes heeft poop gedaan in mijn backyard,’ zei Fred op een manier waarvan hij dacht dat deze vriendelijk genoeg was. Hij rechtte zijn rug en wachtte op een reactie van de buurman.
‘Welke kat is het geweest? Er zijn hier zoveel katten in de buurt. Het kan ook het dier van iemand anders zijn geweest,’ zei de buurman.
‘It was the grey one,’ bitste Fred, en hij had al een beetje spijt van zijn agressieve houding tegenover de buurman.
‘Het spijt me wanneer dit is gebeurd. I am sorry,’ zei de buurman.
Fred knikte bevestigend. Het zou hem ook moeten spijten.
‘En nu?’ vroeg de buurman.

Hier had Fred verder niet aan gedacht. Hij had de poes in zijn tuin zien poepen en had er verder niet over nagedacht. Hij wist even geen antwoord te geven.
‘Ik kan natuurlijk niet altijd de katten in de gaten houden,’ de buurman vulde hiermee de stilte die was gevallen.
Fred knikte, maar hij was niet tevreden met het antwoord. Dit gaf helemaal geen voldoening.
‘You oughta keep an eye on her,’ reageerde hij vlot.
‘Him,’ zei de buurman. ‘Het is een katertje.’
Fred wist niet wat de buurman bedoelde en rechtte weer zijn rug en zette hierbij zijn handen in zijn zij.
‘Well,’ zei Fred. En liet een stilte vallen.

De buurman vulde na een paar seconden de stilte. ‘Wel, ik kan ze niet binnenhouden,’ verontschuldigde hij zich. ‘We hebben een kattenluik, maar ik wil er wel op letten wanneer ik zie dat de kat naar uw tuin gaan, dan roep ik ze terug.’ gaf de buurman als oplossing.
Dit antwoord was voldoende. In principe wilde Fred de buurman alleen maar laten weten wat hem dwars zat. Dat daarmee een belofte kwam, was voor hem een aangenaam extraatje.
De buurman wilde verder weten of er nog meer speelde, want dan kon hij ermee aan de slag, maar Fred was tevreden.
‘We’re good,’ zei Fred lachend.
‘Okay,’ antwoordde de buurman, knikte vriendelijk en sloot de voordeur.
Fred draaide zich om en liep tevreden het tuinpad van de buurmannen af. Hij was blij dat het probleem in zijn achtertuin hiermee opgelost was.

De buurman van de kater vroeg zich af waaraan hij het bezoek van zojuist aan te danken had. Volgens hem deden hun katten de behoefte in de eigen achtertuin of in het plantsoentje voor het huis, maar nooit bij de buren. Of had hij zich toch vergist in hun eigen kat? De buurman liep naar boven en ging weer aan zijn laptop zitten. Hij had zojuist een opzet gemaakt voor zijn nieuwe weblog, en hij wist nu waar hij een stukje over ging schrijven, maar hoe begin je een eerste online-blog?
De buurman kwam met het idee om elk bericht te beginnen met een wetenswaardigheid van de dag waarop hij het bericht ging publiceren. De vingers van de buurman gingen over het toetsenbord en de eerste regels verschenen op het scherm: ‘16 november 2004. Lisa Bonet (1967) is jarig! Haal de slingers uit de kast en zet je feesthoed op!

Categorieën: Read

%d bloggers liken dit: