DRAY BOSMA

C'est juste un blog.

Van de week mocht ik weer een dag op kantoor in Amsterdam werken. In de vroege ochtend kon ik al merken dat er steeds weer, en meer geforensd wordt. Het is nog niet heel druk in de trein naar Amsterdam, of in de metro’s van onze hoofdstad, maar het is wel drukker dan ik de afgelopen anderhalf jaar heb mogen meemaken. We zijn weer op weg naar het ouderwetse normaal. Als die er ooit nog komt. 

Op kantoor zal het ouderwetse normaal niet meer een realiteit zijn. Alles is zo ingericht dat er sowieso altijd wel ruim anderhalve meter ruimte zit tussen de diverse werkplekken. Ook gezellig. Hierdoor is het niet meer mogelijk om iedereen tegelijk op de werkvloer te verwelkomen, en zal er een bepaald aantal dagen verplicht worden om op kantoor te komen werken. Overigens is het nog niet zeker of dit wordt doorgezet. Ik veronderstel het, maar van aannames is nooit iemand wijs geworden.

Maar wanneer ik het over wijsheid in z’n algemeen heb, zie ik al tijdens het reizen met het openbaar vervoer dat er niet veel wijsheid in de mens zit. Stronteigenwijs zitten sommigen chagrijnig, zonder mondkapje, voor zich uit te staren, of anders eigengereid met een glazige blik op het scherm van hun mobiel. Zoekend naar hun wappie-gelijk dat alleen op speciale websites en social media is terug te vinden. Vooral met zo’n zuur en ontevreden gezicht kan je het mombakkes van deze boze mensen het beste met een mondkapje verbergen.

Categorieën: Read

Het eerste plaatje dat ik zelf kocht was in maart 1977. Knowing Me, Knowing You van ABBA. Ik weet nog heel goed dat ik op de platenafdeling van het warenhuis Vroom & Dreesmann een korte discussie met mijn zus Yvonne had. In december 1976 had ik het album Arrival van ABBA voor mijn tiende verjaardag gekregen, en daarop stond ook al het nummer Knowing Me, Knowing You.
‘Zonde,’ riep mijn zus in de winkel. ‘Je hebt dit nummer al op de LP staan.’
Mijn excuus was dat het nummer Happy Hawaii op de B-kant niet op het album stond.
Ik had mijn keuze gemaakt, en deze stond vast: Ik verliet die middag het warenhuis met dit singletje van ABBA in mijn bezit.

Zo is de liefde voor de Zweedse popgroep ABBA begonnen. Ik was geen die hard-fan, want ik kocht niet alles wat ze uitbrachten. Af en toe werd mijn platencollectie aangevuld met een ABBA-singletje. Vanzelfsprekend kocht, of kreeg, ik de langspeelplaten van het Zweedse viertal en bezocht ik in de zomer van 1978 de film ABBA The Movie in de bioscoop. Het begeleidende The Album had ik al maanden in huis. Mijn verdriet was groot toen ik dit album per ongeluk in stukken brak. Het exemplaar lag tussen mijn bed en de muur. Bij het springen op mijn bed, hoorde ik een akelig krakend geluid. Toen ik de elpeehoes achter het bed vandaan haalde, viel de langspeelplaat in stukken uit de elpeehoes.  

Nu zijn we alweer zo’n veertig jaar verder in mijn leven en ik vind mezelf nog steeds geen die hard-fan. Wel ben ik in destijds van het ABBA-vinyl overgegaan naar de compact discs, en van deze discs naar de digitale versies, en toen het vinyl laatst opnieuw in diverse kleuren werd uitgebracht, kreeg ik deze versies ook in mijn bezit. Ik heb mijn ABBA-momenten in de afgelopen jaren wel gekend.

Laatst, in mijn iets donkergekleurde periode, een paar weken na het overlijden van moeder, werden er eindelijk twee nieuwe nummers uitgebracht. Voor een moment was ik de puberjongen uit 1982. Natuurlijk heb ik op de eerste donderdagavond van de maand september het evenement live via YouTube gevolgd en genoot ik van het -voor mij, musicalachtige nummer I Still Have Faith In You. Emotioneel werd ik bij het beluisteren van de nieuwe, en overduidelijk ABBA-sound in het nummer Don’t Shut Me Down. De oude, vertrouwde, maar ook de nieuwe ABBA heeft me een muzikale mega-knuffel gegeven waar ik weer heel blij van ben geworden.

Categorieën: Read

Het is vandaag tweeënveertig dagen geleden dat mijn moeder is overleden, en ik vind dat het niet de fijnste dagen van mijn leven zijn geweest. Waar ik voorheen altijd, op een stoere manier, wist te vertellen dat ik al een beetje afscheid van mijn moeder had genomen, toen ze in het verzorgingshuis werd opgenomen, omdat ze door het lichtelijk dementeren niet langer op zichzelf kon wonen, kom ik hier op terug. Wanneer je moeder er daadwerkelijk niet meer is, is het niet zoals je denkt dat het moest gaan. Ik ervaar voor het eerst hartzeer.

Het valt me enorm tegen dat ik bijna dagelijks korte momenten ken waarin ik veel verdriet heb. Het is niet alleen het gemis, maar ook hoe je het leven beleefd vanaf het moment dat beide ouders niet meer in leven zijn. Het zijn -gelukkig- zeer korte momenten van misschien nog geen minuut en het klinkt ook meer dramatisch dan dat ik het bedoel, maar het is een soort heimwee naar een situatie die niet meer bestaat. De basis van mijn leven bestaat niet meer.

Deze momenten ervaar ik slechts wanneer ik alleen ben. Tijdens een avondwandeling, ofzo. Ik ga over de dingen nadenken en voordat ik het weet begin ik te malen met mijn gedachten. Ik ben al begonnen met het wandelen met oordopjes in om dan maar naar muziek of een podcast te luisteren. Toch een beetje afleiding. Soms moet je jezelf gewoon voor de gek houden. Gelukkig ervaar ik het niet dat ik alles naargeestig zie en ik weet dat er ook heel veel leuke dingen zijn om voor te leven.

Het leven gaat met je door. Of je het nu wil of niet. Ik ga ervan uit dat met de tijd alles milder en zachter wordt. Dit lukt me al dankzij het hardlopen, wat ik drie keer in de week doe. Hiermee kan de emoties een plekje geven. Het komt goed met me.

December 2012. In de nacht, vlak voor Kerstmis, word ik om ongeveer 04:15 uur wakker van een aanhoudend gebel van de deurbel. Ik spring uit bed, de trap af, richting de voordeur. Onderweg naar beneden schieten diverse gedachten door mijn hoofd: Is er een brand? Zijn het dan toch die verdomde Maya’s met hun onheilspellende voorspelling, of is er een ongeluk gebeurd, waarvan ik persoonlijk op de hoogte gebracht moet worden?

Ik doe de deur open en zie een huilende mevrouw voor me staan. Ze vraagt in paniek of ik 112 wil bellen, want haar (ex)vriend heeft haar mobieltje afgepakt. De dronken (ex)vriend staat een paar meter, buiten onze voortuin en roept haar naam. Ik loop naar binnen, pak mijn telefoon en bel 112. Wanneer ik hoor dat deze overgaat, geef ik de telefoon aan de huilende mevrouw.

Ze doet haar verhaal aan de meldcentrale en ik zie dat ze er gehavend uitziet. Een feestelijk jurkje ziet er verfomfaaid uit en haar jas heeft ze in haar hand. In het telefoongesprek legt ze uit dat haar (ex)vriend geprobeerd heeft haar jas af te pakken en haar over de grond heeft meegesleurd. De (ex)vriend neemt nu afstand van de voordeur en roept nu van een paar honderd meter afstand haar naam. Hij ziet er ook niet uit. Het gezicht onder het bloed, waarschijnlijk met zijn dronken kop op zijn gezicht gevallen.

Na nog geen vijf minuten nadat ik 112 heb ingetoetst arriveren er al twee politieauto’s in de straat. De mevrouw (ik weet inmiddels haar naam, want die heb ik al tientallen keren door de dronken, gewonde en nu van de politie weglopende (ex)vriend horen roepen) vertelt, nog steeds, snikkend haar verhaal. Een van de politieagenten vraagt of hij achter de man aan moeten gaan. Een andere agent kijkt nog eens naar de mevrouw en zegt dan: ‘Ja, pak hem maar op’. De politieauto rijdt snel over het fietspad richting de (ex)vriend.

De mevrouw wordt door de politie opgevangen en mag in de auto plaatsnemen. De agent loopt nog even naar mij en vraagt of alles met mij goed gaat. Ik vertel hem dat het prima met mij gaat, naast een verstoring van mijn nachtrust. De agent bedankt me. Ik zeg een Graag Gedaan, want ik zie graag dat er ook voor mij een deur opengaat, wanneer ik hulp nodig heb. Om 04:30 uur lig ik weer in bed, maar het duurt nog even voordat ik de slaap kan vatten.

Categorieën: Read

%d bloggers liken dit: