Onderduikadres

‘Doe jij de deur open voor een vluchteling?’ Het klinkt als een vraag die je op een theezakje van Pickwick kan verwachten. Of als een stelling van de Arnhemse Loesje: ‘Vluchteling voor de deur. Geef jij thuis?’ De bedoeling van de vragen en stellingen is dat er een discussie of gesprek ontstaat en over vluchtelingen heeft heel de westerse wereldbevolking wel een mening. Pro en anti.

Een paar zaterdagavonden geleden ging bij ons om kwart over tien ’s-avonds de deurbel. Ik denk altijd dat iemand met een goede reden aanbelt. Vooral op dit tijdstip. Straatschoffies liggen op dat tijdstip al in bed, dat hoop ik, en die zullen op zaterdagavond niet voor de gein aanbellen. Met een: ‘Blijf je scherp?’ naar mijn echtgenoot loop ik naar de voordeur, want in plaats van straatschoffies kunnen het ook volwassen schoffies zijn, die met criminele intenties aanbellen.

Voor onze deur staat een jonge vrouw van ongeveer 22, tussen drie grote tassen en naast haar een meisje van ongeveer 4 jaar oud met een roze prinsessenrugzakje op haar rug. De vrouw verontschuldigt zich. ‘U zult wel denken, wat doet een vrouw met haar dochter op dit tijdstip voor uw deur.’ Jawel, ik denk inderdaad wat doet een jonge moeder op dit tijdstip voor mijn deur. Ze vertelt me dat ze op de vlucht is voor haar criminele vriend en of ze bij ons kan schuilen, totdat ze opgehaald kan worden.

Ik moet de vraag even laten inzinken, en na kort overleg met echtgenoot laat ik haar en haar dochter binnen. Nu blijkt dat twee tassen kattenreistassen zijn, waarin de dieren schichtig door het gaas naar buiten kijken. Onze huisdieren zullen deze actie niet kunnen waarderen, maar dat is nu niet belangrijk. We bieden moeder en dochter wat te drinken aan. De dochter lust wel appelsap en de moeder is wel toe aan een glas wijn. Ondertussen wordt de vader gevraagd om haar op te halen.

Haar vader gaat akkoord. Hij moet wel vanuit Rotterdam komen. Dit kan ruim een uur duren. Ik schenk voor mijzelf ook maar een glas wijn in. De vrouw vertelt haar verhaal. Ze heeft deze avond ruzie met haar vriend gehad. ‘Een bekende van de politie,’ zegt ze. De man is jaloers op de aandacht die haar dochter van haar vraagt en krijgt. Dit leidt tot scheldpartijen en lichamelijk geweld. Toen hij vanavond naar de avondwinkel ging om sigaretten te kopen, greep zij snel haar spullen bijeen en nam de benen.

Ze lijkt een stoere meid met haar vele tatoeages. Waarvan een paar in het gezicht. Zeer waarschijnlijk haar eigen keuze, en dat is prima. De één kiest er voor om fillers in de huid te injecteren, de ander inkt. Beiden bedoeld om er mooier van te worden. Haar dochter krijgt van ons wat rozijnen om te snoepen. Het kind kan wel wat afleiding gebruiken. Der moeder maakt zich even druk om de harde suikers die in het snoep zit, en ik bedenk dat ze nu even meer belangrijke zaken aan haar hoofd heeft dan de suikers in rozijnen.

Ze leest een paar Whatsappberichten voor die ze van haar (binnenkort ex-) vriend ontvangt: ‘Je denkt zeker dat je slim bent om er vandoor te gaan. Ik zal je vinden en ik maak je hartstikke dood. Dat doe ik ook met de gasten die jou nu helpen.’ Ik drink mijn wijnglas in een teug leeg en kijken naar buiten. Misschien is het wel een goed idee om de gordijnen dicht te doen? Ze legt uit dat hij denkt dat ze door zijn eigen vrienden wordt geholpen.

Echtgenoot speelt een spelletje memory met de dochter. Zij vindt het allemaal wel gezellig. Appelsap, rozijnen en een spelletje zonder een touch screen spelen. De moeder belt ondertussen met een vriendin. Ze vertelt dat ze eindelijk de knoop heeft doorgehakt en op de vlucht is. Het kan haar niet schelen dat de Playstation4 en smart tv nog in de woning staan. Ze wist dat dit eraan ging komen en daarbij, ze pauzeert even, is ze inmiddels verliefd geworden op de beste vriend van haar (binnenkort ex-) vriend.

In het uur en kwartier van wachten is er een poes uit de reistas ontsnapt. Nieuwsgierig loopt ze rond in onze woonkamer. Grote hilariteit bij de dochter en een gevoel van gêne bij de moeder. Geen probleem. Onze eigen katten zijn inmiddels uit zichzelf een etage hoger verhuisd. Hoge kinderstemmetjes zijn ze niet gewend. De dochter vindt deze avond wel gezellig. Ze wint alle spelletjes van deze onbekende meneer. Wanneer haar opa op ons adres is aangekomen treuzelt ze een beetje met haar aantrekken van haar jas. De moeder geeft ons bij vertrek een knuffel en bedankt ons meer dan eens. We wensen haar veel sterkte toe en met een paar minuten zijn ze vertrokken naar een veiliger adres.

Oorfauteuils

Laatst kochten we 2 nieuwe stoelen bij de IKEA. We waren na jaren wel toe aan iets anders. Toe aan 2 oorfauteuils van het type Strandmon, om precies te zijn. Daarbij horen dan wel de 2 voetenbanken van het zelfde type. Ik moest er aan het begin aan wennen. Het bankstel dat al 9 jaar een vertrouwd beeld in de huiskamer was, werd gescheiden. De kleine, de bank waar ik altijd op lag, werd gedumpt in de garage. ‘Bedankt voor de goede dienst, maar we vervangen je per direct.’ De grote bank, een driezitter, houden we nog even aan tot we daar ook vervanging voor hebben.

Het was nog een uitdaging: 2 oorfauteuils vervoeren in onze gele Renault Twingo. Dat wordt met de gewilde Engelstalige kreet: Not gonna happen, duidelijk gemaakt. Dus reden we 2 keer op en neer naar IKEA. Je moet er wat voor over hebben. Na een IKEA-aanschaf volgt altijd de puzzel. Hoe-Zet-Je-Het-Meubelstuk-In-Elkaar. Zijn er genoeg schroeven en waar dient in godsnaam dat ronde, ijzeren beugel-dingetje voor? Uiteindelijk, na war inzet, valt dan alles op zijn plaats en staat het nieuwe meubelstuk te pronken in de kamer. Het was even wennen.

Mijn lichaam wilde hangen, en dat gaat niet in een fauteuil. Zou het dan toch een miskoop zijn, dacht ik even. Er was geen spijt van de aankoop. De stoelen stonden écht te pronken in de woonkamer, maar het lichaam -mijn lichaam- is na jaren lang bankhangen er aan gewend om een luie positie aan te nemen. ‘Jammer dan, wen er maar aan,’ zei ik binnensmonds tegen mezelf. Uiteindelijk kan een mens aan alles wennen, bedacht ik, en dat geldt ook voor een nieuwe fauteuil. Natuurlijk zit de stoel lekker, het meubelstuk heeft nooit anders gedaan.

Het is sneu voor het bankstel. Ze zijn nu van elkaar gescheiden. De driezitter op de oude plek in de woonkamer en de tweezitter weggemoffeld achterin de garage. Wanneer er een nieuwe bank wordt gekozen zal ook de driezitter vervangen worden. Dan worden ze weer voor even herenigd om samen naar de vuilstort gebracht te worden. Wanneer er vervanging is gevonden, worden de ouden vergeten. Zo gaat dat. Met alles. Het ging ook zo met ons vorige bankstel en het bankstel daarvoor. Ik zou niet eens meer weten hoe deze er uitzagen. Alleen de foto’s kunnen mij daar nog aan herinneren.

Hemels!

Hemelvaartsdag. Zomaar een dagje vrij op een doordeweekse dag. Nu is dit niet zo een verrassing, want deze christelijke dag valt altijd op een donderdag. De vrijdag erna wordt bij sommige werkgevers als een collectieve verlofdag besteed, maar ik werk bij een dienstverlenend bedrijf, dus zijn wij de vrijdag daaropvolgend open. Het is maar goed dat ik een verlofdag heb opgenomen. Edo, mijn echtgenoot, werkt bij een productiebedrijf en daar betekent Hemelvaartsdag helemaal niets. Het is vandaag een doodnormale werkdag voor hem. Voor mijzelf mag ik genieten van een minivakantie. Hemels!

Dankzij Hemelvaartsdag mocht ik uitslapen. Voor mij is een half uur langer in bed liggen al uitslapen, dus vanmorgen om 10 voor 8 stond ik in mijn hardloopschoenen voor het huis en sloot de deur achter mij. Het weer was minder tropisch dan de afgelopen dagen en de eerste kilometers van mijn hardlooprondje deed ik de regen. Verder ging het hardlopen goed. Het lijkt er sinds kort op dat dat ik in een blessurevrije-periode ben beland. A blessing. Het lukt me weer om zonder problemen en pijntjes meer dan 10 kilometers weg te rennen. Hemels!

Ook is het fijn dat ik hier op draybosma.nl weer wat letters weg kan typen, want de afgelopen maanden was ‘Enorme-Stilte’ op dit weblog de enige aanwezige. In mijn hoofd schrijf ik altijd wel een stukje tekst, ik denk in verhalen, maar wanneer ik eenmaal thuis ben heb ik geen behoefte om nog een keer voor een beeldscherm te zitten. Dat doe ik wekelijks al 40 uur. Maar op een dag als vandaag, heb ik wel tijd om dat wat me bezig houdt via tekst te delen. Zoals het goede nieuws dat mijn werkgever me van de week vertelde dat zij mijn contract per 1 augustus voor onbepaalde willen verlengen. Hemels!

img_1969
vanmorgen om 8 uur.

Transpubers

Laatst waren we uiteten. Mijn man en ik. Bij ons in Almere, zo’n 10 minuten wandelen van ons huis. De gelegenheid was een verjaardag. Of een jubileum. Het was een verjaardag. Het was een goede een reden om iets met zijn tweeën te vieren en dat deed ons besluiten om te gaan eten buiten de deur. Het was een vrijdagavond en het was er gezellig druk in het restaurant. Het gaat goed met de economie. Of we doen met zijn allen alsof.

Hoe dan ook, de restauranteigenaar had de afgelopen periode inmiddels voldoende omzet en winst gedraaid om het interieur uit te breiden en op te knappen. Hierdoor was er een nieuw gezellig hoekje in het restaurant gecreëerd. Het bekende gedeelte lieten we achter ons en de gastheer ging ons voor naar het vernieuwde deel. Nieuwsgierig namen we plaats op de aan ons toegewezen plaats. Hier was het niet zo druk als bij de ingang van het restaurant. Maar nog steeds sfeervol.

Aan een tafeltje, achter een verbloemde afscheiding zaten een viertal transpubers: zeventienjarigen in het lichaam van een veertigjarige. Op het eerste gezicht waren het mannen van middelbare leeftijd, maar in ervaring bleken ze een stel ongemanierde pubers. Het was niet de alcohol die het veroorzaakte. Het was de baldadigheid van mannen met het Peter Pan-syndroom: weigeren om op te groeien. Luid sprekend en het bemoeien met gesprekken aan andere tafels. Ongemanierd wordt het ook wel eens genoemd.

Een wedstrijdje boeren van het alfabet is geen hoogdravend gesprek. Ook niet wanneer je het tot de letter L haalt. Ik vind het eerder ongepast. Het is niet de schuld van social media, maar mede dankzij Twitter of Facebook hebben heel veel mensen het idee dat ze alles mogen zeggen, of doen. Ook wanneer het ongepast is. Daarbij vindt men dat het ook overal luidkeels geroepen mag worden. Dat is de ‘vrijheid van meningsuiting’, wordt er vaak aangevuld. Diezelfde vrijheid houdt, volgens mij, ook in dat je er voor kunt kiezen je te gedragen. Maar hoe leg je dat aan een paar zeventienjarigen uit? Ook al zien ze er uit als mannen van middelbare leeftijd…