Bijen

Laatst las ik zo’n stuk over bijen, waarbij ik gewoon de tijd vergat en bijna mijn overstap met de trein miste. Terwijl ik daar zat, verwonderde ik me over iets bijzonders: hoe een gewone larve kan uitgroeien tot een koningin. Niet door genen of een speciale loting, maar simpelweg door koninginnengelei; een voeding die alles verandert. Het is bijna magisch: een larve eet iets bijzonders en ineens is ze een koningin, terwijl haar genetisch materiaal identiek blijft aan dat van een werkster.

Bijen hebben een koningin die niets spectaculairs doet, en toch beheerst ze het hele volk. Ze verspreidt een geur, en iedereen volgt. Werksters leggen geen eigen eitjes, ruimen op, voeden larven en bewaken het nest. Niet uit angst, niet door kracht of politiek, maar door een subtiel chemisch signaal. En toch is de kern van het wonder: de macht van de koningin ontstaat niet uit erfelijkheid, maar uit voeding en verzorging.

Ik begon te fantaseren: stel dat mensen zo waren. Eén subtiele geur, een soort sociale koninginnengelei, die bepaalt wie de leiding heeft en wie taken uitvoert. Misschien een klein dorpje, waar de dorpsoudste door deze geur iedereen in een vanzelfsprekend patroon houdt. Kinderen maken kattenkwaad, volwassenen voeren hun werk uit, en toch wordt niemand jaloers of ambitieus. Omdat de geur alles regelt. Een mens kan bijna een koningin worden, gewoon door de juiste omstandigheden en verzorging, niet door DNA of afkomst.

En die jonge bijenkoningin die uit haar cel kruipt en haar concurrenten uitschakelt? Fantaseer mee: mensen zouden dat doen, niet met messen of politiek, maar met een soort sociale aanwezigheid die zegt: “Hier regeer ik.” Wie voelt dat hij of zij een kans maakt, trekt zich terug of gaat iets anders doen. Zo ontstaat een natuurlijke orde, volledig gebaseerd op verzorging en signalen, niet op genen.

Wat ik fascinerend vind, is hoe het bijenvolk zichzelf corrigeert. Als de geur van de koningin afneemt, beginnen werksters een nieuwe koningin te kweken. Geen vergaderingen, geen stemrondes. Gewoon een proces dat vanzelf gaat. Bij mensen zouden we overleggen en debatteren, maar stel dat wij een geurige hiërarchie hadden: misschien zouden straten schoner zijn, parkeerplaatsen geen strijdpunt, en zouden we elkaar minder lastigvallen. Of het zou een chaos zijn van wie het lekkerst ruikt.

Uiteindelijk zijn sociale insecten en sociale zoogdieren fundamenteel verschillend. Maar ik kan het niet laten om me te verwonderen: een bijenkoningin wordt niet door genetica, maar door voeding en verzorging. Misschien is dat wat we mensen stiekem ook willen: een subtiele kracht die alles in orde houdt, gewoon door aanwezigheid en aandacht, niet door afkomst of DNA.

En zo stond ik daar, net op tijd uit de trein, en besefte dat ik bijna een overstap had gemist. Misschien had ik dat moment even een bijenkoningin moeten zijn: rustig, aanwezig, en de anderen laten doen wat ze moeten doen.

U mag reageren.