Winterzonnewende

Het is 21 december. De kortste dag. Dat klinkt altijd een beetje als een wedstrijd die niemand wil winnen. De dag die het minste kan: het minste licht, de minste ruimte, de minste belofte. En toch is het een dag waar ik elk jaar even bij stilsta, meestal ongemerkt. Omdat hij er gewoon is.

Buiten is het nog donker als de dag begint. Dat is geen nieuws. In december begint alles in het donker. De straat lijkt smaller, de lucht lager. Mensen lopen iets sneller, alsof ze ergens naartoe willen waar het warmer is. Niemand kijkt omhoog. De zon hangt laag, zo laag dat je haar bijna kunt missen. Alsof ze zich verontschuldigt.

Astronomisch gezien is het allemaal keurig verklaard. De aarde helt. De zon staat boven de Steenbokskeerkring. De nacht is langer dan de dag. In Nederland hebben we het dan over iets meer dan zeven uur licht. Het moment waarop dat gebeurt noemen we de winterzonnewende. Een woord dat klinkt alsof het uit zichzelf al een draai maakt. Dat is net genoeg om te zien dat het licht er is, en net te weinig om er echt iets mee te doen.

Wat ik altijd mooi vind, is dat dit dieptepunt tegelijk een keerpunt is. De winterzonnewende markeert geen einde, maar een begin. Vanaf vandaag worden de dagen weer langer. Niet meteen merkbaar, niet feestelijk. Geen vuurwerk. Geen gejubel. Morgen is het nog net zo donker. Overmorgen ook. Maar ergens, onzichtbaar bijna, schuift het licht per millimeter terug onze kant op.

Dat idee is oud. Ouder dan kerst, ouder dan de kerken. Mensen hebben deze dag altijd herkend. De Germanen noemden het Joelfeest. Ze staken vuren aan, haalden groen in huis, brandden een groot blok hout dat dagenlang moest blijven gloeien. Niet omdat het zo gezellig was, maar omdat vuur iets zei wat woorden niet konden zeggen: het licht gaat niet weg. Het komt terug.

In Rome werd Saturnalia gevierd. Iedereen deed alsof de wereld even anders was. Slaven speelden baas, bazen speelden mens. Cadeautjes, eten, lawaai. Misschien juist omdat het buiten zo stil was. Ook dat is logisch. Als het donker is, maak je zelf licht.

Het christendom legde kerst vlak na deze dag. Niet toevallig. Een kind geboren in de donkerste tijd van het jaar. Licht in een stal. Het verhaal werkt alleen in december. In juni zou niemand het geloven.

Wat mij treft aan deze dag, is dat hij niets eist. Je hoeft niets te vieren. Je hoeft nergens beter in te worden. Je hoeft alleen te accepteren dat het nu even zo is. Dat het donker mag zijn. Dat je niet alles hoeft op te lossen voordat het licht terugkomt.

De zon staat vandaag laag. Zo laag dat ze schaduwen trekt die langer zijn dan de mensen die ze werpen. Dat vind ik een prettig idee: dat zelfs een klein beetje licht groot kan uitpakken.

Morgen is het nog winter. Overmorgen ook. Maar de richting is veranderd. Het wordt weer lichter. Nu mijn lijf en de kilo’s nog.

U mag reageren.