Older

Ongelooflijk dat ik vandaag de leeftijd van zevenenvijftig heb behaald. In mijn hoofd loop ik achter op mijn leeftijd. Ik ken momenten dat ik me zeventien jaar voel (wanneer ik enthousiast ben) of me vierendertig jaar voel (wanneer ik zogenaamde toekomstplannen aan het plannen ben). Alleen mijn lichaam herinnert me er voldoende aan dat mijn lichaam niet achterloopt op mijn daadwerkelijke leeftijd, maar daar ben ik inmiddels ook wel aan gewend.

Verder maak ik me, net als de gemiddelde 55-plusser in Nederland, niet druk om ouderdom en voel ik me ook helemaal niet oud. Wanneer je me vraagt of ik gelukkiger was op mijn vijfentwintige, moet ik melden dat dit niet echt zo is. Ik denk dat ik net zo gelukkig ben als toen, misschien zelfs wel iets gelukkiger. Verder maak ik me ook niet meer zo druk om onnozele zaken.

Hoewel dat best een leugentje is, want ik betrap mezelf er nog vaak genoeg op dat ik me juist wel druk maak om zaken waar ik totaal geen invloed op heb. Dat weerleg ik met dat dit de aard van het beestje is (karaktertrek). Dat staat los van wederom een jaar ouder worden op 12 december.

Happy

Meneer Barend was geboren in december, maar hij had nooit een echte verjaardag gehad. Familie en vrienden waren altijd te druk met het sinterklaasfeest of kerstvieringen om aandacht aan hem te besteden. Nooit kreeg hij een apart cadeau of een taart met kaarsjes. Hij moest altijd genoegen nemen met een chocoladeletter of een stukje kerststol en een paar sokken. Meneer Barend was het zat om zijn verjaardag te negeren. Hij besloot om dit jaar iets speciaals te doen. Hij boekte een vlucht naar een tropisch eiland, waar hij kon genieten van de zon, het strand en veel cocktails. Hij verheugde zich op zijn eerste echte verjaardagsfeest.

Maar het lot had andere plannen. Op de dag van zijn vertrek begon het te sneeuwen. En niet zomaar een beetje, maar een hevige sneeuwstorm. Alle vluchten werden geannuleerd en de wegen waren onbegaanbaar. Meneer Barend zat vast op het vliegveld, zonder een kans te ontsnappen.

Hij probeerde er het beste van te maken. Hij kocht een muffin bij een kiosk en stak er een lucifer in. Hij zong zachtjes Happy Birthday voor zichzelf: Hij opende zijn koffer en haalde er een zwembroek en een zonnebril uit. Hij ging op een bankje zitten en deed alsof hij op het strand was. De andere reizigers keken hem vreemd aan; sommigen lachten, anderen schudden hun hoofd. Een paar kinderen kwamen naar hem toe en begonnen papieren sneeuwballen naar hem te gooien. Meneer Barend werd boos en gooide terug. Al snel ontstond er een sneeuwballengevecht op het vliegveld.

Meneer Barend vergat even zijn teleurstelling en had plezier! Hij realiseerde zich dat het niet uitmaakte waar hij was, zolang hij maar lol had. Hij besloot om zijn verjaardag te vieren met de mensen om hem heen. Hij deelde zijn muffin met de kinderen en nodigde iedereen uit om mee te zingen. Hij maakte nieuwe vrienden en kreeg zelfs een paar knuffels. Meneer Barend had uiteindelijk toch een leuke verjaardag. Hij leerde dat het niet gaat om de bestemming, maar om de reis, en dat je soms sneeuw nodig hebt om de zon te waarderen.

Some Like it Hot

Het voordeel van deze koude dagen in december is dat we thuis in het bezit zijn van een infraroodcabine. Eén van de beste aankopen ooit, zeker op de koude momenten als deze. Toen ik gisteravond, koud tot op het bot, vanuit het werk thuiskwam, ben ik eerst voor een twintigtal minuten in de infraroodcabine gaan zitten.

Een pluspunt van zo’n warme cabine vind ik dat je het apparaat gewoon aanzet en je achterwerk (bloot of gekleed) op het, met een handdoek bedekte bankje van de hittecabine parkeert. De eerste minuut is het even langzaam opwarmen, maar daarna loopt de temperatuur al snel op tot 30 °C en hoger.

Hoe hoger de temperatuur hoe relaxter ik in de infraroodcabine zit. Het is, naast het opwarmen, ook een moment van onthaasten; even twintig minuten helemaal niets, en wanneer de hittecabine uitslaat ben ik helemaal opgeladen en huppel ik opgewarmd de rest van de dag in.

Christmas Lights

When I first celebrated Christmas in the early 1970s, it wasn’t that special to me. The month December had already given me the necessary excitement; on the evening of December 5th, on Pakjesavond, I received plenty of Saint Nicholas presents, and exactly one week after this Dutch festivity we all had to celebrate my birthday. Once again, I received even more presents.

A few weeks later when the world celebrated the birth of Jesus of Nazareth, it just passed me by. In kindergarten (Roman Catholic) I was the one who always got to put little baby Jesus in the Nativity Scene. Because it was always displayed on my birthday (I was the chosen one). After four or five months that same baby Jesus was sentenced to death, crucified on a cross. That was a thing I couldn’t comprehend as a kid. Years later, I understood that there were many years between the original Christmas and ‘Good Friday’.

We weren’t a religious family, so Christmas was not celebrated very grandly at home. Of course, we had a Christmas tree standing in the living room, a few lighted cardboard Christmas decorations in the window and red, paper fold-out Christmas bells were pinned into the wallpaper. Christmas was not a religious festive for our family. And it certainly was far from religion in 1971, the year I just turned 5 years old.

My father was setting up the Christmas tree and as he was trying to hang the Christmas lights into the tree, it didn’t go as my father had foreseen; by accident my father kicked his foot through the chair seat. He lost his balance, thereby kicking the chair across the room, against the coffee table and fell, with strings of Christmas lights in his arms, into the tree. It was the first time I heard various kinds of religious curses. A few moments later I learned even more of these unchristian curses when I asked my father, “Are the Christmas lights still working?

Nightshift

Het is voor mij alweer een hele tijd geleden, maar vannacht stond ik weer eens boven het toilet voorovergebogen, omdat mijn maag in opstand kwam. Ik voelde me gisteravond al niet helemaal lekker, en ben toen voor 22:00 uur al naar bed gegaan.

Ik weet niet wat ik verkeerd heb gegeten, of wellicht iets bedorven heb gedronken, maar om 00:45 uur werd ik wakker van een misselijk gevoel. U kent het wel; het moment dat zich er te veel speeksel in mond ontwikkelt en de krampjes in de maag opspelen. Een vlotte wandeling naar het toilet is onontkoombaar.

Zonder in detail te treden, kan ik zeggen dat het alleen vloeistof was wat naar boven kwam. Na een paar golven waren zowel mijn maag als ikzelf voldoende gekalmeerd om de nacht weer slapend voort te zetten. Met een brandende keel van al het (maag)zuur ben ik slapend de nacht doorgekomen. Nu, verder op de dag voel ik me met het uur steeds fitter.

Baby, It’s Cold Outside

De koude buitentemperaturen zijn er weer. Ik kan niet zeggen dat ik er blij mee ben, want ik hou niet van de kou, maar ik ervaar het niet als iets ernstigs. Ik kan er mee leven en ik kan me er naar kleden. Zolang het niet regent, of erger, hevig sneeuwt, ben ik in mijn sas.

Maar ondanks alle winterse voorspellingen van de afgelopen dagen (enkele idioten bespraken alweer een elfstedentocht!), blijft het winterse weer toch uit. Temperaturen van boven het vriespunt vind ik te doen, zolang het -en ik herhaal mezelf, niet regent of hevig sneeuwt. Nu maar hopen dat het niet gaat veranderen. Behalve wanneer het voorjaar zich in december meldt.

Why

Op de vraag ‘waarom gebeuren de dingen zoals ze gaan’, heb ik geen antwoord. Ik ben geen filosoof en zelfs de filosoof beëindigt ieder antwoord met een vraag. Tot ze zichzelf suf hebben gediscussieerd. Ik leg me er maar bij neer dat ik nooit een antwoord zal krijgen op de vraag waarom ik emailberichten ontvang met de melding dat er op mijn verzoek een wachtwoord opnieuw ingesteld moet worden.

Ik vraag me dan ook af wie mijn facebookaccount wil hacken, en wat het nut ervan is? Vaak genoeg ontvang ik van deze berichten c.q. verzoeken. Is het een rancuneus iemand die me wil dwarszitten? Of is het een leipo die ervan geniet om anderen een soort unheimisch gevoel te geven? Misschien maak ik het te persoonlijk en is het waarschijnlijk een ‘bot’ die via een algoritme meerdere accounts wil hacken om zo achter veel persoonlijke gegevens te komen. Het maakt me ook niet uit.

Hoe dan ook. Ik ben nog niet gehackt (knock on wood) en mocht het zo zijn dat het wel gebeurt, dan zie ik het als de perfecte gelegenheid om dan maar meteen met Facebook te stoppen.

Take It Easy

Het lijkt er bijna op dat ik mijn schrijfinspiratie alleen nog verkrijg door het openbaar vervoer, of juist door het slechte functioneren hiervan. Wederom zit ik nu in de bus richting thuis, want vandaag is het een bovenleiding die defect is. Ik weet niet waarvan deze leidingen zijn gemaakt, of hoe ze geïnstalleerd worden, maar het is een kwetsbaar onderdeel van de Nederlandse Spoorwegen.

Ik maak me er niet meer druk om, want als ik dat doe wordt het een dagelijks onderdeel van mijn bestaan, en dat wil ik niet. Het is alleen even snel schakelen. Zo denk je dat je vanuit het werk easy naar jouw metrostation kan wandelen en dan moet je ineens gehaast naar de bushalte, tien minuten verderop, lopen. Gehaast omdat ik natuurlijk wel op tijd thuis wil zijn. Een relaxt bestaan heeft voor mij wel grenzen.

Ease On Down The Road

Het hardlopen gaat me de laatste weken minder goed dan voorheen. Het is niet dat ik last van blessures of pijntjes heb, maar het hardlopen in het donker staat me tegen. Oké, toegeveven het heeft iets feestelijks dat hardlopen als een verlichte kerstboom, maar het lopen in het donker in de regen, of tussen de buien door, is gewoon niet leuk.

Of je ziet door het hardlopen in het donker niets, óf je wordt verblind door de straatverlichting die in de regenplassen en nat wegdek wordt weerkaatst. Daarnaast ervaar ik het vaker dat de mensen steeds meer onoplettend zijn geworden. Ze lopen rond alsof ze thuis in de achtertuin, of op het balkon, ronddolen. De mensen zijn in zombies veranderd.

Honden die in het donker worden uitgelaten moeten zichzelf vermaken. Het baasje heeft het te druk met het mobieltje. De hondeneigenaars zijn zich totaal niet bewust van hun omgeving. In het daglicht kan ik bij bijna botsingen nog wegspringen, maar in het donker spring ik zo in een plas of kuil. Ik ben ook de jongste niet meer, dus als me iets overkomt ben ik niet meer zo snel up and running.

Daarom doe ik het maar rustig aan met het aantal hardlooprondjes in de komende weken. Ik heb begin dit jaar een aardige buffer opgebouwd, wat betreft de gelopen kilometers, en het is ook niet dat ik de verplichting ben aangegaan om een bepaald aantal rondjes te moeten lopen. Easy does it!

Blogging since November 16, 2004.

I’m A Train

Dit stukje tekst tik ik op mijn iPhone in de bus van Amsterdam naar Almere. Mijn spijkerbroek kan nu even drogen, want -as the chosen one, had ik onderweg naar de bushalte een mega-regenbui over me heen gekregen. Maar daar heb het ik hier al eens over gehad, dus zal ik u hier niet verder mee vermoeien.

De reden waarom ik in de bus zit, komt door de fantastische, georganiseerde plannen van de Nederlandse Spoorwegen. Ja, dat mag u zeker met een sarcastische ondertoon lezen. Hier en daar (en vooral ook vaak) wordt er aan het spoornetwerk gewerkt, en de komende weken rijden er op mijn woon-werk-verkeer-traject enkel maar stoptreinen.

De kans is groot dat hierdoor meerdere treinen uitvallen (zoals gisteren en vandaag). Het waarom hiervan is alleen maar gissen. Personeelstekort? Treuzelende reizigers die bij aankomst te laat uit de trein stappen en hierdoor vertraging veroorzaken? Die kans is zeker meer aannemelijk bij een stoptrein, dat elk station aandoet. Ik weet het verder ook niet. Het is me een raadsel.

Ik ga ervan uit dat het wel weer goedkomt. Daarom wil ik, zoals wel vaker aan het einde van het jaar gebeurt, de Nederlandse Spoorwegen voor het volgende jaar nomineren voor de Aanmoedigingsprijs 2024. Dat ze veel personeel mogen werven en dat er eens iemand met logistiek inzicht de oude dienstregelingen van de ontwerptafel gooit, want dit kan echt beter.

Rain On Me

Van de week moest ik even hartelijk om mezelf lachen. Ik hoorde het nummer Rain On Me van Lady GaGa en Ariana Grande voorbijkomen en moest daarbij denken aan het moment dat ik samen met mijn main man in de auto zat toen datzelfde nummer te horen was. Ik zei enthousiast dat dit nummer ook in mijn hardloop-playlist stond, en om dat te bewijzen besloot ik met het nummer op de radio mee te zingen.

Maar! Ik ben gewoon niet goed in het onthouden van songteksten. Het gaat mij, voor wat muziek betreft, vooral om de melodie (only when I’m dancing can I feel this free). Als het mij alleen om de songteksten gaat, dan ga ik wel naar de periodieke voordrachten van de plaatselijke Dichtersvereniging (als zoiets al bestaat).

Een nadeel van het niet weten van de songteksten is dat wanneer ik lekker mee wil zingen, zoals toen in de auto, dat ik het brabbelend meezing, alleen de laatste woorden van een zin kan meeblèren of gewoon compleet de verkeerde zinnen gebruik. Dit doe ik met de poging om nonchalant en ook licht serieus over te komen, en dat lukt mij zo natuurlijk nooit. Dat is de reden dat ik laatst even hartelijk moest lachen.

November Rain

De afgelopen dagen is er volgens mij meer regen gevallen dan in alle zomermaanden van dit jaar. De regenplassen worden er niet kleiner of minder om, en een paraplui is nu onderdeel van mijn outfit. Helemaal geen accessoire meer, maar hartstikke nodig lately.

Ik lijk ook het geluk aan mijn kont te hebben hangen, want iedere keer wanneer ik vanuit huis naar mijn werk ga, en andersom, heb ik de hoofdprijs in de vorm van een pittige hoosbui op mijn kop. Meer dan eens kom ik doorweekt aan op de plaats van bestemming.

Alles went, zegt men. Maar hier heb ik toch wel meer moeite mee. Vanmiddag liep ik vanuit mijn werk naar het metrostation en als vanzelfsprekend was het miezerbuitje getransformeerd in een flinke regenbui. Op nog geen honderd meter van het metrostation slaan de veters van beide schoenen los.

Dan sta je daar met een open paraplu naast je op de grond, in de regen je doorweekte veters te strikken. Ik denk dat ik straks maar een staatslot moet aanschaffen. Zoveel geluk met deze regenbuien, dan moet ik het toch ook voor elkaar krijgen om een andere hoofdprijs te winnen?

Agnes

Bij het wachten op mijn verbinding naar thuis op station Duivendrecht sta ik hier vanzelfsprekend met meerdere reizigers op het perron. Naast mij staat een niet onaantrekkelijke meneer en mijn oog valt op de zak met gewassen worteltjes in zijn hand. Hij eet ervan en doet dit op een -voor mij- vreemde, kinderachtige manier; hij neemt korte hapjes en schuift zo de wortels naar binnen. Knauw, knauw, knauw.

Ik kan nog net een gegrinnik inhouden en moet ook denken aan mijn oud-collega, Agnes, van zo’n kleine twintig jaar geleden. Niet omdat zij vroeger ook op zo’n vreemde manier at, maar wel omdat ze, in een poging tot stoppen met roken, wekenlang deze gewassen worteltjes wegvrat. Ik zou niet overdrijven wanneer ik hier schrijf dat ze na die periode bijna een oranje complex had. Het is haar, na ik aanneem, na zo’n 1.876 wortels gelukt om niet langer een sigaret op te steken.

Ik denk aan haar sportieve karakter, nádat ze was gestopt met roken en een relatie kreeg met onze sportieve collega Jeroen. Samen stonden ze sportief in het leven. De glimlach op mijn gezicht verdwijnt abrupt wanneer ik me herinner hoe het met Agnes is vergaan. Nadat ze in juni 2005 van baan veranderde, hoorde ik jaren later, in juli 2011, dat ze de meest oneerlijke gevecht in haar leven heeft moeten opgeven. Op drieendertig jarige leeftijd. De treinreis naar huis heeft nu een beladen sfeer.

Thuis aangekomen kleed ik me meteen om voor een klein rondje hardlopen. Het bewegen op hardloopschoenen relativeert mijn gedachten, en daar heb ik behoefte aan. Na een klein half uur ben ik uitgerend. De vijf kilometer hebben mijn gedachten verzet. Het leven is niet altijd leuk, maar sta er niet te veel bij stil.

20 KM de Paris

Zondagochtend in Parijs. De wekker gaat om 06:00 uur. Geen tijd om te snoozen. Ik sta op en stap de badkamer in van mijn hotelkamer in Hôtel De Paris Opera. Waar ik een paar jaar geleden in dit hotel nog in een aftands badkamertje stond, sta ik nu in een moderne badkamer, inclusief stortdouche en net tegelwerk. Dit was ooit anders. Een versleten badkuip met een sleets douchegordijn is de luxe van toen. Gelukkig was vroeger niet alles beter. De onchristelijke tijd in de Franse hoofdstad heeft er alles mee te maken dat ik vandaag eindelijk de 20 kilometer van Parijs ga lopen. Drie jaar geleden had ik me al eens ingeschreven (en de verplichte sportkeuring uit laten voeren), maar door de pandemie ging dat feestje in 2020 niet door. Teleurstellingen zijn uitdagingen om mee om te gaan.

Na het ontbijt in de ruimte, beneden bij de receptie, besluit ik toch andere sportsokken aan te trekken. Het paar dat ik nu draag, vind ik te dun en voor mijn gevoel heb ik hierdoor te veel ruimte in mijn hardloopschoenen. Ik glij in mijn schoenen, en dat vind ik geen goed idee. Nadat ik van sokken ben geschwitst ben ik er klaar voor. Klaar voor vertrek naar de metro. De dag ervoor heb ik al mijn startnummer moeten ophalen, dus de snelste rit naar de Eiffeltoren is me wel bekend. Rond 08:00 uur vertrek vanaf Gare du Nord met lijn 4 en dan overstap op Gare Montparnasse voor lijn 6 naar Bir-Hakeim; het metrostation dichtbij de Eiffeltoren, en startvak. Bij Gare Montparnasse is het overduidelijk dat dit de rit naar de 20 kilometer van Parijs is, de metro ia afgeladen met hardlopers.

Het is een drukte van belang bij het metrostation Bir-Hakim. Honderden mensen lopen door elkaar. Sommigen weten precies waar ze moeten wezen, tientallen lijken doelloos rond te lopen. Ik weet dat ik in het roze startvak moet zijn, en in de verte zie ik de roze vlaggen bij de ingang van het startvak wapperen. Ik loop er relaxt naar toe. Het moment is daar; vlakbij de Eiffeltoren start ik straks mijn eerste buitenlandse run. Het wachten tot de start duurt lang. Er lopen meerdere hardlopers het startvak in en in langzaam tempo lopen we steeds dichter naar de iconische toren van Parijs. Er wordt gezongen en er wordt gesprongen en gedribbeld. Er worden selfies gemaakt en het valt me op dat in Frankrijk, of in Parijs, het hardlopen echt een sociale bezigheid is. Vriendengroepen doen aan de run mee en hardlopers zoeken elkaar op.

Rond 09:30 uur lopen we langzaam de Pont d’ Iéna, de brug tussen de Eiffeltoren en Trocadéro, op. Het startvak vóór ons mag nu los en wij schuiven dichter naar de start. Na een kwartier gaat dan ook het startschot voor het roze vak en lopen we in een gepast tempo naar de start. De hardloophorloges en -apps worden gestart en er wordt eindelijk hardgelopen. Niet door iedereen overigens, en wederom verbaas ik me over de deelnemende hardlopers die niet hardlopen, en we zijn nog geen honger meter verder. Incroyable, zouden de Fransen zeggen. Na 2 kilometer rennen we voorbij de Arc de Triomphe naar de Avenue Foch, om vanaf daar richting Bois de Bologne te lopen. Hier wordt een groot deel van de run gelopen. Wanneer we weer in de buurt van de Seine zijn, hebben we ruim de helft van de run erop zitten.

Tijdens mij run ben ik er op gefocust dat ik niet te hard van stapel loop, maar ik kan het niet laten om veel trage hardlopers in te halen. Het is een blijvende irritatiefactor, waaraan ik me, naarmate ik ouder wordt, mateloos kan ergeren; het onnodig links blijven lopen wanneer je geen hoog hardlooptempo hebt. Het is helaas niet anders en het blijft verspilde energie om je (ik) hier aan te blijven ergeren. Wanneer we dan eindelijk de oevers van de Seine bereiken ben ik blij dat we de helft erop hebben. Niet wetende welke hel me nog te wachten staat. De resterende negen kilometers bestaat uit een negental bruggen, waar je onderdoor moet lopen. Dus naar beneden, onder de brug door, èn weer omhoog. Die stukken omhoog breken me enorm op. Na de zoveelste brug wordt ik er enorm chagrijnig van. Gelukkig waren er op die plekken geen fotograven aanwezig.

Na 17 kilometer en de negende brug kunnen we eindelijk de Seine oversteken. Ik ben bij dat we die negen bruggen hebben gehad, maar de vermoeidheid doet me vergeten dat we nog zo’n vijftal bruggen terug moeten lopen, richting de Eiffeltoren. Als er een God bestaat (en zich bekommert om mijn persoonlijke gemoedsgesteldheid) dan heeft die er voor gezorgd dat aan deze zijde van de rivier het minder steil is onder de bruggen door, dus de laatste 3 kilometers zijn minder vermoeiend om te passeren (dus eigenlijk dank aan de stratenarchitecten van Parijs, dan voor de non-existent God). Nadat er nog één kilometer gelopen moet worden, kom ik weer in een lekker tempo en loop richting de Eiffeltoren. Na één uur, negenenveertig minuten en vierentwintig seconden passeer ik eindelijk de finishlijn. De run, die jaren lang hoog op mijn wensenlijst stond, is gelopen en ik ben meer dan tevreden met mijn gelopen tijd. Ik heb er in mijn leven weer een gekoesterde herinnering bij.

Parijs 2023

Maandagavond ontving ik een emailbevestiging van mijn startnummer (11706) voor de run van aankomende zondag: De 20 kilometer van Parijs. Vanaf vrijdagmiddag kan ik mijn startnummer bij de Eiffeltoren ophalen, en wanneer die in mijn bezit is, ben ik er klaar voor. Dan is het alleen nog maar op zondagochtend mijn hardloopkleding aantrekken en gaan. Oké, misschien is het een goed idee om eerst vanuit het hotel naar een metrostation te lopen en daar de metro (lijn 6) naar het Trocadéro nemen, om daar naar het startvak te wandelen, maar dat komt wel goed.

Tot die tijd begeef ik me nog wel even in Nederland, want vrijdagochtend rijden we richting de Franse hoofdstad en hopen er na vijf uur rijden ergens de auto te kunnen parkeren om vanuit daar naar ons hotel te lopen. Dan kan het weekendje Parijs beginnen met -voor mij- als hoogtepunt de run die ik al zo lang wilde doen. Maar daarnaast gaan we gewoon de toerist uithangen en genieten van de stad.
Le plaisir, but ultime de la vie.