Homoseksualiteit is niet strafbaar in Turkije. Dat klinkt geruststellend, totdat je ziet wat er momenteel werkelijk gebeurt. In vijftien provincies worden lhbti-organisaties binnengevallen, websites geblokkeerd en activisten en journalisten opgepakt. Ook mensen die tegen deze arrestaties demonstreren, belanden in de cel. De operatie draagt de bijna lieflijke naam ‘Mijn gezin is veilig’. Alsof er ergens een gezin opgelucht ademhaalt zodra een homoseksueel achter slot en grendel zit.
De Turkse regering zegt kinderen, de openbare orde en het traditionele gezin te willen beschermen. Daarvoor worden beschuldigingen gebruikt als obsceniteit, prostitutie en het verspreiden van ongepaste inhoud. Homoseksualiteit blijft op papier toegestaan, maar alles wat ermee samenhangt kan kennelijk wel verdacht worden gemaakt. Je mag bestaan, zolang niemand je ziet, hoort of organiseert. Vrijheid wordt zo geen recht meer, maar een gunst die de overheid naar believen kan intrekken.
President Erdoğan heeft het gezin en de dalende geboortecijfers tot politiek speerpunt gemaakt. Lhbti’ers worden daarbij neergezet als een bedreiging voor kinderen, voortplanting en de samenleving. Dat is een bekende politieke truc: kies een kleine minderheid, maak die verantwoordelijk voor problemen die zij onmogelijk kan hebben veroorzaakt en presenteer repressie vervolgens als bescherming. Het woord ‘gezin’ fungeert hierbij niet als warme deken, maar als wapenstok.
Ik zal dit soort nieuwsberichten daarom blijven uitvergroten. Niet omdat ik graag in ellende blijf hangen, maar omdat dit meer aandacht verdient dan alleen een kop boven een nieuwsbericht. Achter iedere arrestatie zit een mens dat bang moet zijn vanwege zijn geaardheid, identiteit of inzet voor gelijke rechten. Wie zo’n bericht vluchtig leest en daarna doorscrolt, mist hoe snel onderdrukking normaal kan worden zodra we eraan gewend raken.
Dat dit in Turkije gebeurt, wil bovendien niet zeggen dat het ook daar blijft. In Nederland wonen veel mensen met Turkse roots. De meesten zullen hun eigen mening vormen en onze democratische rechtsstaat respecteren. Maar er zijn óók mensen die de woorden van Erdoğan vrijwel klakkeloos als waarheid overnemen. Via Turkse televisie, sociale media, familieverbanden en religieuze organisaties reist zijn politieke boodschap moeiteloos mee naar Nederlandse huiskamers.
Daarmee beweer ik nadrukkelijk niet dat alle Nederlanders met Turkse wortels hetzelfde denken. Dat zou even gemakzuchtig zijn als denken dat alle homoseksuelen hetzelfde zijn. Ik maak me wél zorgen om mensen, ongeacht hun nationaliteit, die de Turkse opvattingen over gezin, seksualiteit en gehoorzaamheid hier willen laten gelden. Wie in Nederland woont, hoeft zijn afkomst of cultuur niet bij de grens in te leveren. Maar de Turkse wet en de politieke moraal van Erdoğan hebben hier niets te zoeken. In Nederland bepaalt Ankara niet wie zichtbaar mag zijn, van wie je mag houden of welk gezin bescherming verdient.
Vrijheid van godsdienst en vrijheid van meningsuiting gelden voor iedereen. Maar die vrijheden geven niemand het recht om een ander zijn bestaan te ontzeggen. Je mag homoseksualiteit persoonlijk afkeuren; je mag niet verlangen dat homoseksuelen daarom uit het openbare leven verdwijnen. Vrijheid die alleen geldt voor mensen die op jou lijken, is geen vrijheid. Het is onderdrukking met een net jasje aan.
Mijn oordeel is dan ook duidelijk: dit is heel kwalijk. Ik ben zelf al ruim dertig jaar samen met mijn man. Onze relatie heeft nooit een ander gezin bedreigd. Er is geen huwelijk door gestrand, geen kind door in gevaar gekomen en geen samenleving door ingestort. De enige dreiging en onveiligheid die ik vanwege mijn geaardheid ervaar, komt juist uit de homofobe hoek. Niet van mensen die openlijk van iemand van hetzelfde geslacht houden, maar van mensen die vinden dat wij dat niet zouden mogen.
Misschien moeten regeringen daarom eens ophouden gezinnen tegen homoseksuelen te beschermen. Bescherm homoseksuelen liever tegen mensen die hun afkeer tot wet willen verheffen. Homoseksualiteit is in Turkije niet strafbaar, wordt gezegd. Ondertussen krijgen steeds meer lhbti’ers er wel een vrijheidsstraf voor.
