Spuugzat

Soms lees ik een nieuwsbericht en begint mijn bloed direct te koken. Geen lichte ergernis. Geen hoofdschuddend ongeloof. Regelrechte woede. Het soort waarbij ik het liefst meteen verhaal zou gaan halen. En geloof me, op zulke momenten moet ik mezelf eraan herinneren dat geweld nooit een oplossing is.

Afgelopen vrijdag vond in Almere de Pride Walk plaats. Een vreedzame tocht. Mensen vroegen aandacht voor zichtbaarheid, gelijkwaardigheid en acceptatie. Je zou denken dat dat in 2026 nauwelijks nog voor problemen zorgt. We leven tenslotte in Nederland, een land dat zichzelf graag op de borst klopt vanwege zijn tolerantie. Nou, vergeet het maar.

Volgens de organisatie werden deelnemers uitgescholden, bespuugd en geïntimideerd. Alsof dat nog niet walgelijk genoeg is, zou een automobilist ook gevaarlijk hebben gehandeld bij een oversteekplaats. De voorzitter van Pride Almere werd ternauwernood niet geraakt. De politie onderzoekt de meldingen. Bespuugd! Laat dat woord eens goed doordringen. Iemand die zijn speeksel gebruikt om een ander mens te vernederen. Omdat die ander toevallig homoseksueel, lesbisch, biseksueel, transgender of gewoon solidair is. Hoe diep moet je gezonken zijn om dat acceptabel te vinden?

Ik woon bijna dertig jaar in Almere. Een stad die ik als mijn thuis beschouw. Juist daarom raakt dit me zo. Dit gebeurt niet ergens ver weg. Dit gebeurt hier, in mijn eigen stad. En ja, ik word er verschrikkelijk boos van. Het liefst zou ik zulke figuren stevig bij hun lurven pakken. Maar dan verlaag ik me tot de agressie die ik zo verafschuw. Geweld lost niets op. Het levert hooguit meer geweld op.

En dan is er die opmerking waar ik doodmoe van word: ‘Het wordt ons allemaal zo opgedrongen!’ Wat dan precies? Niemand verplicht je een regenboogvlag op te hangen. Niemand dwingt je hand in hand met iemand van hetzelfde geslacht over straat te lopen. Niemand verlangt dat je homoseksueel wordt, een Pride Walk bezoekt of je muren in regenboogkleuren schildert. Het enige wat van je gevraagd wordt: laat anderen gewoon hun leven leiden.

Sterker nog, volgens mij wordt vooral het idee dát het wordt opgedrongen voortdurend aan mensen opgedrongen. Door mensen die niet kunnen verdragen dat anderen zichtbaar anders zijn. Dat is pas opdringerig.

Wat me misschien nog het meest frustreert: we moeten in 2026 nog steeds uitleggen waarom Pride nodig is. Steeds dezelfde vragen. Waarom moet dat zo nodig? Waarom die vlaggen? Waarom moet iedereen weten wat je seksuele geaardheid is? Dit is waarom. Mensen kunnen kennelijk nog steeds niet zonder intimidatie over straat als ze zichtbaar zichzelf zijn. En een regenboogvlag is voor sommigen blijkbaar bedreigender dan daadwerkelijk geweld.

Niemand hoeft Pride leuk te vinden. Niemand hoeft mee te lopen of met een vlag te zwaaien. Maar respect is geen vrijblijvende hobby. Ik hoef niet door iedereen begrepen te worden. Ik hoef zelfs niet door iedereen aardig gevonden te worden. Maar ik eis wel het recht op om mezelf te zijn, zonder angst voor vernedering of agressie. Dat recht geldt voor iedereen.

En tegen degenen die menen dat bespugen een gepaste reactie is op een regenboogvlag, heb ik maar één boodschap. Jullie gedrag is om te spugen. Maar zelfs dat niveau weiger ik te bereiken.

Zichtbaarheid

“Waarom is Pride nog nodig?”

Het is een vraag die ieder jaar weer opduikt. Meestal niet kwaad bedoeld, maar wel gebaseerd op de gedachte dat de strijd voor gelijke rechten inmiddels wel gestreden is. We mogen trouwen, we mogen kinderen opvoeden en discriminatie is bij wet verboden. Op papier lijkt er veel bereikt.

Maar de werkelijkheid vertelt een ander verhaal.

Afgelopen zaterdag werd de Pride in Berlijn overschaduwd door een dodelijke aanslag. Een dag die in het teken stond van liefde, vrijheid en jezelf mogen zijn, eindigde in verdriet. Dat zoiets juist tijdens een Pride-evenement gebeurt, laat zien dat haat nog altijd bestaat en dat zichtbaarheid voor sommigen blijkbaar nog steeds een doelwit is.

Ook buiten Europa staat de positie van lhbtiq+-mensen onder zware druk. In Rusland is de lhbtiq+-beweging verboden verklaard. Hongarije beperkt Pride en voorlichting steeds verder. Oeganda kent een van de strengste anti-homowetten ter wereld. En in delen van de Verenigde Staten staan rechten die jarenlang vanzelfsprekend leken opnieuw ter discussie.

Maar we hoeven niet eens zo ver over de grens te kijken.

In Nederland besloot de gemeente Oldebroek de Pridevlag niet langer bij het gemeentehuis te hijsen en het lokale lhbtiq+-beleid te schrappen. Sommigen zullen zeggen dat het “slechts een vlag” is. Maar een vlag is meer dan een stuk stof. Het is een signaal. Een boodschap aan inwoners dat zij welkom zijn, gezien worden en zichzelf mogen zijn. Juist daarom doet het ertoe wanneer zo’n symbool verdwijnt.

Zichtbaarheid is nooit bedoeld geweest om aandacht op te eisen. Het gaat erom dat niemand zich hoeft te verstoppen. Dat een jongen zonder angst de hand van zijn vriend kan vasthouden. Dat een meisje zonder schaamte over haar vriendin kan praten. Dat een transgender persoon niet eerst hoeft na te denken of een openbare ruimte wel veilig is.

Ik behoor tot een generatie die nog weet hoe het voelde om voorzichtig te moeten zijn. Om eerst de kamer te scannen voordat je iets persoonlijks vertelde. Om te twijfelen of collega’s, familie of vrienden je wel zouden accepteren. Dankzij mensen die vóór ons zichtbaar durfden te zijn, is er veel veranderd. Niet vanzelf, maar omdat zij hun nek uitstaken.

Juist daarom mogen wij nu niet denken dat het werk erop zit.

Vrijheid verdwijnt zelden in één keer. Meestal gebeurt dat stap voor stap. Een wet hier, een verbod daar, een vlag die niet meer welkom is, een evenement dat extra beveiliging nodig heeft. Pas achteraf zie je hoeveel terrein er ongemerkt verloren is gegaan.

Daarom blijf ik zichtbaar. Niet omdat ik iedere dag met een regenboogvlag wil zwaaien, maar omdat ik hoop dat een volgende generatie zich nooit meer hoeft af te vragen of ze zichzelf wel mag zijn.

Zichtbaarheid is geen provocatie.

Zichtbaarheid is een herinnering dat vrijheid onderhouden moet worden.

Elke dag opnieuw.