Bulgarije

We gaan naar Bulgarije!

Nederland doet volgend jaar tóch mee aan het Eurovisie Songfestival. En als fan kan ik daar eigenlijk maar één ding van vinden: leuk! Afgelopen editie moest ik het zonder Nederlandse inzending doen. Dat bleek overigens prima te overleven. Sterker nog, ik vond het best grappig om voor één keer officieel bij de ‘Rest of the World’ te horen en vanuit die positie mee te stemmen. Geen Nederlandse zenuwen, gewoon lekker liedjes kijken en mijn punten uitdelen.

Toch had ik het ook niet erg gevonden als Nederland nog een jaartje was weggebleven. Als statement. Niet tegen het Israëlische volk, absoluut niet, maar vanwege de Israëlische regering. Persoonlijk vind ik dat een land in oorlog niets te zoeken heeft op een podium waar het drie minuten lang moet lijken alsof er niets aan de hand is. Dat zou voor mij overigens voor ieder land gelden.

Maar goed, Nederland heeft besloten weer mee te doen en mijn Songfestivalhart wint het van mijn ingewikkelde gedachten. Dus: Bulgarije! Wie sturen we? En belangrijker: wat wordt de act?

Canada

Volgend jaar is het zover: Canada doet mee aan het Eurovisie Songfestival. En de eerste reacties waren voorspelbaar. “Maar Canada ligt helemaal niet in Europa!” Alsof iemand dat pas op Google Maps heeft ontdekt.

Ik vind het eigenlijk alleen maar leuk.

Sterker nog: als het aan mij ligt, mogen er nog meer landen aansluiten. The more the merrier.

Laten we eerlijk zijn: het Eurovisie Songfestival is allang geen aardrijkskundeles meer. Australië doet inmiddels al jaren mee. Niemand zet op zaterdagavond de televisie aan om te controleren of alle deelnemende landen wel netjes binnen de grenzen van Europa liggen.

De deelname van Canada komt eigenlijk helemaal niet uit de lucht vallen. Het land behoort al jaren tot de grootste fans van het festival. Canadezen stemmen massaal mee via de internationale “Rest of the World”-stemming, kopen opvallend veel kaarten voor de live-shows en volgen het evenement met meer enthousiasme dan menig Europees land. Dat de organisatie nu de deur opent, voelt dan ook eerder logisch dan verrassend.

We kijken omdat het een heerlijk spektakel is. Muziek, licht, verrassingen, soms fantastische optredens, soms acts waarvan je je afvraagt hoe ze ooit door de repetities heen zijn gekomen. En natuurlijk de onvermijdelijke discussies over de puntentelling. Dat hoort er inmiddels net zo bij als de muziek zelf.

Bovendien heeft Canada een indrukwekkende muziekgeschiedenis. Van Leonard Cohen tot Joni Mitchell, van Alanis Morissette tot Bryan Adams, van The Weeknd tot Céline Dion. Die laatste won het Songfestival ooit zelfs voor Zwitserland. Het voelt dus helemaal niet vreemd dat Canada nu zelf een inzending mag sturen.

En dan dat woordje “Euro”. Misschien moeten we dat helemaal niet geografisch uitleggen. Zie het gewoon als de valuta. Het kost een paar euro, maar het levert ontzettend veel op: muziek, amusement, toerisme, internationale aandacht, miljoenen televisiekijkers en dagenlang gesprekken over de uitslag.

Kortom: Eurovisie is gewoon een prima investering.

Ik trek voor mezelf eigenlijk maar één grens. Als een land verwikkeld is in een oorlog of een ander ernstig conflict, stel ik mezelf één eenvoudige vraag: kan dat land, of de deelnemende omroep, het Songfestival organiseren als het volgend jaar wint? Is het antwoord nee, dan vind ik deelname op dat moment niet passend. Niet als straf of als politiek statement, maar omdat het festival nu eenmaal meer is dan een zangwedstrijd. Winnen betekent óók dat je de volgende editie organiseert. Als dat bij voorbaat onmogelijk is, wringt er voor mij iets in de opzet van de wedstrijd.

Voor alle andere landen geldt wat mij betreft: schuif gerust een stoel bij. Muziek trekt zich tenslotte weinig aan van landsgrenzen. Misschien is het Songfestival ooit begonnen als een Europees feestje. Inmiddels is het uitgegroeid tot een wereldwijd evenement waar miljoenen mensen naar uitkijken.

Can-A-Da? Wat mij betreft: Can-Do.