Familiebezoek

Vandaag ben ik voor een verjaardagsfeestje in Den Helder. Mijn moeder hoopt binnenkort de fortuinlijke leeftijd van 85 jaar te behalen, en dat is op z’n minst wel een feestje waard. Vroeger, een paar eeuwen geleden werden de mensen niet oud, en wanneer je de nieuwsberichten van de afgelopen maanden leest, weet je dat ook tegenwoordig niet ieder mens nog in de gelegenheid wordt gesteld om oud te worden. Maar dat terzijde. Vandaag reizen we af naar Den Helder.

Ik was een paar weken geleden nog in mijn geboorteplaats. Om er een halve marathon te lopen. Ja, een mens mag een hobby hebben. Ik geniet er wel van om in Den Helder te zijn. Niet zozeer om de stad zelf. Het ligt ver van de bewoonde wereld. Of in ieder geval ver van een autosnelweg. Afgelegen. De meeste mensen kennen de stad alleen als doortocht naar Texel, en daarmee kom je niet per se op de mooiste plekken van deze stad. Wat Den Helder voor mij zo bijzonder maakt zijn herinneringen.

Ik ben in Den Helder opgegroeid en heb er tot mijn tweeëndertigste levensjaar gewoond. Er zijn genoeg herinneringen gecreëerd die doorgaans verborgen blijven en enkel wanneer je in de stad aanwezig bent naar boven komen. Zo had ik tijdens die halve marathon na 4 kilometer ineens de herinnering uit de jaren tachtig, van het stiekem sigaretten kopen bij het tankstation aan de Ravelijnweg, en dat alleen omdat ik er hardlopend langsliep. Ik rook niet meer, dus denk niet zo vaak meer aan het aanschaffen van sigaretten.

Vandaag zal ik niet veel van Den Helder zien, want we gaan naar een verjaardagsfeestje dat bij familie wordt gevierd. Dan blijf je op een locatie. Zolang het gezellig is. Veel verborgen herinneringen zullen vandaag verborgen blijven. Ik zal niet op de fiets langs mijn oude route naar school fietsen en daarmee zullen er niet plots jeugdherinneringen naar boven komen. Daarentegen ben ik wel bij familie en met familieleden heb je vaak dat er voldoende herinneringen gedeeld worden. Het wordt een nostalgische zaterdag.

Bestemming

Maandagochtend en in de hal van het station Almere Centrum is er al enige consternatie bij enkele reizigers. Ik hoor de woorden: “gaat niet verder dan Hilversum”, uit de mond van een vrouw met een rood gezicht, waarvan de losse plukjes haar in het gezicht hangen. Het lijkt alsof ze het afgelopen half uur heeft gerend, maar ze is niet bezweet. Het is haar uiterlijk. Haar reisgenoten kijken haar teleurgesteld en verder nietszeggend aan.

Misplaatst denk ik dat het vanzelfsprekend dagje-uit-mensen zijn, waarbij elke treinreis een avontuur is. Op het perron zie ik op het bord vermeld staan dat mijn trein naar Utrecht over 4 minuten zal vertrekken, maar eenmaal in de trein vertelt de stem van de conducteur, via de intercom, mij en mijn medereizigers dat door een botsing met een persoon de trein niet verder dan Hilversum zal afreizen.

Het idee dat een paar mensen het verschrikkelijke nieuws over het noodlottig ongeluk van een familielid, een goede vriend of de liefde van hun leven krijgen te horen, vind ik vreselijk. Dan ben ik toch liever een half uur later op mijn bestemming, dan dat ik een bericht krijg over de definitieve eindebestemming van een persoon die me na staat. Ik prijs mezelf gelukkig met deze vertraging in vergelijking tot de mensen die deze dag minder fortuinlijk zijn. De zin “Tel je zegeningen” blijkt wederom geen loze tegeltekst.

trein

Mise-en-Place

Op het station van Hilversum stapt een jongen van rond de 20 jaar in de trein. Druk in gesprek met een voor mij onzichtbare gesprekspartner. Ik blijf naar mijn e-reader kijken, maar luister met een half oor mee. Enthousiast vertelt hij in het microfoontje in een van de witte snoertjes wat hem vandaag is overkomen. Hij heeft deze middag een vertrouwenscursus gehad.
De kandidaten op deze cursus moesten zich met het vertrouwen in de medecursisten achterover in de armen van de anderen laten vallen. Hij vond het fokking vet, en hij vertelt enthousiast verder over de andere geleerde handelingen op cursus.
Om te weten of de voor mij onzichtbare gesprekspartner wel oplet, beëindigd hij elke zin met de 3 woorden: ‘weet je wel?’. Ik weet het inmiddels ook. Een hoog aanhoudend gepiep schelt uit zijn oordopjes. Voor hem klinkt het duidelijk nogal oorverdovend en geschrokken roept hij wat de fokking hel aan de hand is. Ik verneem uit het gesprek dat het de kookplaat van het fornuis van de voor mij onzichtbare gesprekspartner is.
De knul in de coupé geeft hem het advies om bij het koken alles goed voor te bereiden. ‘Je moet zorgen voor een goede mise-en-place’, zegt hij wijs. Hij spreekt het met een Almeers accent uit. Als Missanplas. Het gesprek loopt ten einde. De spreker aan de andere kant van de verbinding heeft geen zin meer om te praten.
Er klinkt nu luide beatmuziek uit de oortjes. Wat voor muziek het precies is weet ik niet. Ik hoor zware beats, maar een man van mijn leeftijd kan er niet op dansen zonder er verdacht van te worden epileptisch te zijn. Verveeld draai ik mijn gezicht naar het raam.
Het zicht is niet helder. Een vette afdruk van het voorhoofd van de persoon die voor mij op deze plek in de trein heeft gezeten ontneemt me een helder uitzicht, en we rijden het station van Almere Centrum in.20160415

Forensen

Het leven als een forens is niet meer onbekend voor mij. Sinds een week doe ik -op het tijdstip waar ik voorheen het dekbed opensloeg om op te staan- de voordeur open om het huiselijke te verlaten en naar het station in het centrum van Almere te lopen.

Na 10 minuten lopen sta ik al op het perron van Almere Centrum, waar al snel de trein aankomt om mij in 40 minuten naar Utrecht Centraal te brengen. Onderweg zitten de mensen slaperig naar het scherm van hun mobiele telefoon te staren. Een enkeling kijkt om zich heen. Zo ook de mevrouw die schuin tegenover me in de sprinter zit. Ze kijkt boos om zich heen. Alsof wij de oorzaak zijn van dat zij vanmorgen zo vroeg uit bed moest.

Bij Hilversum wordt de trein echt vol. Niet zo erg als het varkenstransport op de wegen, maar iedereen staat flink in elkaars aura. Vanaf mijn zitplaats heb ik het uitzicht op benen. Veel benen. Benen gestoken in spijkerbroeken of pantalons, en sommige vrouwenbenen laten zich zien vanonder een rok, jurk of lange jas. Mijn ogen zakken af naar de schoenen van mijn medereizigers. Geen enkel paar is hetzelfde. Dat moment bedenk ik dat de keuze die we in schoenen hebben talrijk is.

Veel voeten zijn gestoken in gymschoenen. Sommige sportschoenen zijn nieuw, maar veel gympies zien er afgetrapt uit. Ook zijn er in de trein veel voeten in lederen schoenen verstopt. Zwarte schoenen, bruine schoenen, en een uitzonderlijk wit lederen paar. Het aantal écht nette schoenen is opmerkelijk gering. Veel schoenen zijn niet gepoetst en zien er gehavend uit. Mannen in pak zien er ineens toch minder gelikt uit met schoenen waarvan de neuzen kaal en de schoenzolen afgesleten zijn.

Het is een paar minuten voor acht wanneer ik bij de bushalte Jaarbeurszijde in de lijnbus stap die mij naar Nieuwegein zal brengen. Ook hier zie ik forensen met afgetrapte sportschoenen en kapotte schoenen de bus instappen. Ik vind het een beetje jammer. Schoenen blijken tegenwoordig een ondergeschoven kindje te zijn.

img_8334

Running in 2015

Vandaag is de laatste dag van het jaar, en ik beleef er plezier aan om hier op de laatste dag van het jaar te delen hoe vaak en hoe ver ik het afgelopen jaar heb hardgelopen. Op mijn vorig weblog heb ik het de afgelopen jaren ook op de laatste dag van het jaar gedeeld: een overzicht van mijn hardloophobby van de afgelopen 12 maanden.

Ik heb in 2015 zo’n 148 keer een ronde gelopen (2014: 138 keer, 2014: 126 keer), met een gemiddelde afstand van -net als vorig jaar, 12,4 kilometer per ronde. In totaal is dit een afstand van 1.835 kilometer (2014: 1.714 km, 2013: 1.553 km). Dat is over de weg een afstand van Almere naar de Italiaanse stad Napoli (dus niet hemelsbreed). Met de auto doe je daar 17 uur en 1 kwartier over, maar ik heb er 155 uur en 3 kwartier over gedaan.

Het afgelopen jaar liep ik het meest op de maandag en op de woensdag. In de maanden juni en november heb ik het minst aantal kilometers afgelegd. In deze maanden heb ik ‘maar’ 113 kilometer afgelegd. In maart heb ik de meeste kilometers afgelegd. 203 kilometers in 31 dagen. Hiermee heb ik in het gehele jaar een kleine 152.445 calorieën verbrand.

2015 hardloopoverzicht

Paso Doble

Meneer Barend zat aan de keukentafel zijn ochtendkrant te lezen. Hij verbaasde en ergerde zich aan het nieuwsbericht dat veelplegers in Tilburg boos waren op de kerstkaart die de gemeente hen had verstuurd. Op deze kaart stond de nieuwjaarswens ‘Wij gaan u in 2016 weer trakteren op onze warme aandacht’. Nu waren criminelen die er in hun eer waren aangetast. Meneer Barend schudde afkeurend het hoofd. Alsof veelplegers de aandacht krijgen, omdat ze zoveel voor de maatschappij hebben gedaan. Zijn geïrriteerde gedachten vervlogen toen hij een sleutel in zijn voordeur hoorde draaien. Dat moet mevrouw Veenstra zijn, dacht hij.
   De buurvrouw, inderdaad mevrouw Veenstra, liep met een ‘Joehoe!’ meteen door naar de keuken om meneer Barend te vragen of ze nog wat laatste boodschappen moest doen. Meneer Barend stond op en met de vraag ‘Koffie?’ schonk hij al een kopje vol met het aromatische vocht.
   ‘Lekker’, zei buurvrouw Veenstra en nam plaats op haar vaste stoel aan de keukentafel.

   Buurvrouw Veenstra was klein en breed op de heupen. Een trotse, donkere vrouw die altijd met opgeheven hoofd over straat liep. Deze ochtend droeg ze een blauwe trui met daaronder een donkerblauwe rok, tot net over de knie. Mevrouw Veenstra was ouder dan haar bovenbuurman. Ze was geboren in Suriname en in de jaren zestig van de vorige eeuw was ze naar Nederland gekomen om hier te trouwen met meneer Veenstra, nadat ze deze eerder in Paramaribo had ontmoet.
   Meneer Barend zette het kopje van zijn buurvrouw op de keukentafel en nam plaats op zijn stoel.
   ‘Buurman Barend, u moet mij het toch eens vertellen. Bent u ooit getrouwd geweest?’ met haar hoofd schuin keek ze haar buurman aan. ‘Niet dat het mij iets aangaat, maar buurvrouw Polak van nummer 68 zei laatst dat u ooit getrouwd bent geweest. Maar dan had ik dat toch wel geweten. Toch?’ Hierbij keek buurvrouw Veenstra haar bovenbuurman even indringend aan.

   ‘Oh ja, zeker.’ zei meneer Barend glimlachend. ‘Ooit ben ik getrouwd geweest met een Argentijnse. Catalina heette ze. Ze was heel mooi. Ravenzwart haar en een volle mond die altijd rood gestift was. En ze was dol op dansen. Oh, wat was Catalina dol op het dansen. Vooral de dansen uit Latijns-Amerika zoals de tango, maar ook de paso doble. Haar favoriete dans.’ Buurvrouw Veenstra nam glimlachend een slokje van haar koffie. ‘Heel grappig’ vervolgde meneer Barend. ‘Want eigenlijk komt deze dans van origine uit Europa, maar ze danste de paso doble altijd met passie. Wist u dat in deze dans het stierenvechten wordt uitgebeeld? De man speelt de rol van de torero en de dame is el capa. De rode lap die de stier moet opjagen. De man zwiert de dame rond alsof zij die rode lap is.’ Buurvrouw Veenstra zuchtte genotvol.

   ‘Het is alleen zo jammer dat deze dans het laatste was dat ze ooit heeft gedaan. Bij een danswedstrijd, tijdens de paso doble, werd ze dodelijk geraakt door de dansschoen van een andere danseres. Tijdens het zwieren schoot de dansschoen los, en als ware gelanceerd, sloeg deze keihard tegen het hoofd van mijn geliefde Catalina. Ze was op slag dood.’
   Buurvrouw Veenstra sloeg haar handen tegen haar borst. ‘Och, nee..!’
   ‘Ik wilde haar begraven in haar dansjurk, maar haar familie vond dat onchristelijk. Ze wilden zelfs dat Catalina in Argentinië werd begraven, maar dat wilde ik absoluut niet. Ze ligt hier nu op Buitenveldert voor altijd te rusten. In haar rode dansjurk en de dansschoenen aan haar voeten.’
   Buurvrouw Veenstra keek haar bovenbuurman ongelooflijk aan, aarzelde even en begon te lachen. ‘Buurman Barend! Volgens mij zit u me weer een onzinverhaal te vertellen.’
   Meneer Barend lachte ook. ‘Wilt u nog een kopje koffie, buurvrouw?’

dans

Vooruitblikken

Vandaag is het de twee-na-laatste dag van het jaar. Ik ben blij dat het nog een paar nachtjes slapen is voordat we in het nieuwe jaar zijn beland, en ik kan haast niet wachten tot het jaar 2015 achter ons ligt.

Het afgelopen jaar was voor ons een van de minst geslaagde jaren ooit. Met het faillissement van Edo’s bedrijf als dieptepunt. We zijn wat persoonlijke (materiële) dingen kwijtgeraakt en financieel was het ook allemaal minder. Af en toe was het een flink stapje terug, maar uiteindelijk hebben we het allemaal mogen redden. Laten we vooral positief blijven en de toekomst zonnig in blijven zien. Het komend jaar mag van mij een knaljaar worden.

knaljaar

Het is jammer dat sommigen in onze naaste omgeving voorbij zijn gegaan aan dit spijtige moment, en vervolgens teleurgesteld op een enkele situaties hebben gereageerd. Het blijkt dat het empathisch vermogen een uitstervende eigenschap is. Aannames op veronderstellingen. Het brengt onrust. Eigenlijk kan je het anderen niet kwalijk nemen: iedereen heeft een eigen visie op een situatie of een belevenis.

Gelukkig kende het jaar 2015 ook wel positieve momenten. De kleine geluksmomenten en bijzondere momenten die Edo en ik samen met familie en vrienden hebben beleefd. Juist deze mooie momenten hebben het jaar toch enigszins aangenaam gemaakt, en daarmee spreek ik de wens uit dat juist de positieve, bijzondere en alle leuke momenten heel veel en vooral vaak het komende jaar mogen kleuren.

Kerstmis 2015

 

Kerst Den Helder

Kerstmis, of het kerstfeest, of het geboortefeest van de Heer, is een christelijk feest in het kerkelijk jaar. De eerste- en tweede kerstdag hebben we zonder kerkelijke gedachten in Den Helder en in Haarzuilens doorgebracht. Gevuld met animerende gesprekken, het spelen van spelletjes (Mahjong), en vele gesprekken.

20151226

De afgelopen zondagen waren die van samenzijn met familie en eten. Veel eten. Gisteren, een reguliere zondag -of volgens sommigen de derde kerstdag, hebben we hier thuis in Almere met zijn tweetjes heel relaxt gedaan. Een soort van B-dagje. Binnenshuis bankhangen, binge-watching en boekjes lezen.

20151225

Hoewel de buitentemperaturen de afgelopen dagen aan Pasen deden denken, was het mede door de harde wind geen weer voor een (kleine) wandeling buiten. Alle gegeten calorieën ren ik er de komende dagen met een paar runs af.

kerstklapdoor

 

Kerstavond

Het is vandaag de vierentwintigste december. Vanavond is het kerstavond. Deze avond wordt op verschillende manieren over de hele wereld gevierd. Variërend per land en regio. Elementen bij veel gebieden van de wereld zijn de aanwezigheid van speciale religieuze vieringen, zoals een nachtmis of het avondgebed, en het geven en ontvangen van geschenken.

Samen met Pasen, is Kerstmis een van de belangrijkste periodes van de christelijke kalender, en wordt vaak nauw verbonden met andere feestdagen in deze tijd van het jaar, zoals Adventzondagen, de Onbevlekte Ontvangenis, sinterklaasfeest, nieuwjaarsdag en Driekoningen. De samenkomsten en familiebezoeken, die wereldwijd plaatsvinden in de aanloop naar Kerstmis, betekent dat kerstavond ook een tijd van sociale evenementen en feesten is.

Kerstvieringen zijn altijd begonnen op de avond van de vierentwintigste december. Dit valt te wijten aan het feit dat de christelijke liturgische dag bij zonsondergang begint, een traditie van de Joodse traditie en gebaseerd op het verhaal van de schepping in het boek Genesis: ‘en er was avond en het was morgen – de eerste dag’. De traditie stelt dat Jezus in de nacht werd geboren en daarom wordt de nachtmis op kerstavond gevierd, traditioneel om middernacht ter herdenking van zijn geboorte.

Aangezien ik persoonlijk niet geloof, doe ik vandaag niet aan de kerstviering. Morgen (en overmorgen) zal ik, tezamen met Edo, onze families bezoeken om samen te zijn en het kerstfeest te vieren op een minder christelijke manier. Ongeacht waar je in gelooft, wens ik voor iedereen een hele fijne Kerstmis. Ook dit jaar wens ik voor iedereen: tevreden op aarde!

Xmas3

Kersttradities

Een traditie (Latijn: trádere, overleveren) is een gebruik of een gewoonte die van een generatie op de ander wordt doorgegeven. De functie hiervan is het in stand houden van de maatschappelijke stabiliteit. Tradities kunnen als waardevol worden beschouwd. Boven alle kritiek verheven, maar ook als conservatisme dat remmend werkt op de vooruitgang. Hoewel tradities statisch kunnen lijken, veranderen en vernieuwen deze voortdurend.

Tradities verschillen per land, en soms ook per provincie of streekgebied. Op Texel viert men op 12 december Ouwe Sunderklaas. Een feest dat overigens niets heeft te maken met het Nederlandse sinterklaasfeest. Het feest en andere decemberfeesten worden alleen op de Waddeneilanden gevierd. Net als de Vlaamse traditie krulbollen. Deze volkssport is alleen een eeuwenoude traditie in de Nederlandse provincie Zeeland. Dit in tegenstelling tot de Limburgse traditie van vlaai-eten. Daar waar men in de zuidelijke provincie voorheen alleen een vlaai op bijzondere dagen mocht eten, consumeert tegenwoordig heel Nederland deze taarten. Dagelijks.

IMG_5291

Waarom er zoveel Nederlanders de hakken in het zand zetten als we het in april al over het uiterlijk van Zwarte Piet hebben, blijft voor mij een mysterie. De traditie en populariteit van kerstkaarten is inmiddels ook tanende. Waar we voorheen halverwege december hier in huis al tientalle kaarten mochten ontvangen, zijn er dit jaar tot op vandaag nog maar twee exemplaren op de deurmat gevallen. De tijden veranderen: de papieren kerstkaart wordt zo langzamerhand vervangen door foto’s en wensen op Facebook of Twitter.

De kaarsjes in de kerstboom zijn al vervangen door de elektrische kerstlichtjes, en vaak hangen deze kerstlichtjes al jaren in een statige kunstkerstboom, in plaats van in een dure blauwspar, met kluit. Ik ben blij met deze veranderingen. Ik krijg een huiverig gevoel bij het idee dat het een traditie was gebleven om zelf met bijl en zaag een eigen kerstboom uit het bos te moeten halen. Ik ben een groot voorstander van vooruitgang, want terug naar de oude tradities of met een stilstand kom je tegenwoordig nergens meer.

Elf

Elf jaar geleden op deze dag, het was op een dinsdagavond, besloot ik mijn eigen weblog te beginnen. Een persoonlijk blog gevuld met persoonlijke belevenissen, ervaringen en meningen. Het laatste, de meningen, die hou ik tegenwoordig het liefst voor me. Meningen zijn er altijd al geweest, maar sinds social media als Facebook en Twitter, worden er meer dan genoeg meningen gegeven. Uitgesproken en vaak ongezouten ook.

Door al die verschillende en vooral schreeuwende uitingen door anderen heb ik niet meer zo de behoefte om mijn mening virtueel met anderen te delen. Ik deel wel wat me interesseert. Wat me zo nu en dan bezighoudt, of de dingen die ik gewoon leuk vind om te delen. Het maakt me niet uit of dat nu over het hardlopen, de mensenrechten of over het genieten van kookpudding gaat.

Het bijhouden van een weblog heeft me veel leuke dingen gebracht. Andere bloggers die zelf zeer geanimeerd schrijven (of schreven), en er zijn enkele bloggers die ik in real life heb mogen ontmoeten, waarbij er zelfs enkele vriendschappen zijn ontstaan. Hoewel het bijhouden van een weblog al lang niet meer zo hot of hip is als 11 jaar geleden, geniet ik er zelf nog steeds van om bijna dagelijks iets te schrijven.

11-elf

Hille

Mijn vader is geboren in het jaar 1930. Hij is geboren op 7 februari. Vandaag zou hij 85 jaar oud zijn geworden, maar dat is hem niet gegund. Door wie het hem niet is gegund weet ik niet, maar het is een uitdrukking als deze, die vaak achter een zin met zo’n strekking wordt geplakt. Mijn vader is uiteindelijk 79 jaar oud geworden. De twintig jaar durende strijd met kanker heeft hij op het laatst verloren. Geen kracht en geen wil meer om het gevecht langer aan te gaan.

Mijn vader was veertien jaar oud toen hij door zijn moeder van school werd gehaald, want ze had een baan voor hem gevonden als knecht bij een boer in de omgeving van Sneek. Daar was hij een manusje-van-alles waar hij van alles moest doen. Van ’s ochtends vroeg de koeien melken tot ’s avonds laat de aardappels schillen voor de maaltijd van de volgende dag. Later vertelde mijn vader me dat hij als een kind heeft zitten janken, wanneer hij in de winterkou op het land moest werken. Ik kon alleen bedenken: Veertien jaar. Dan ben je nog een kind.

Mijn vader vertrok op zeventienjarige leeftijd van Sneek naar Den Helder om bij de Koninklijke Marine te gaan werken. Daar heeft hij met veel plezier en net zoveel zeereizen 32 jaar gewerkt tot aan zijn pensioen. Door de vele reizen in een tijd dat een marineman echt voor meer dan een jaar weg was, ben ik grotendeels door mijn moeder en drie zussen opgevoed. Wanneer hij dan thuis was, kwam het wel eens tot kleine conflicten tussen mijn vader en mijn moeder.

Begrijpelijk; mijn vader was deel van een gezin waar hij grotendeels niet bij aanwezig was. Als hoofd van het gezin had hij recht op inbreng met betrekking tot het doen en laten van het gezin en soms werd dat gezien als bemoeienis. Het is niet zo dat mijn herinneringen aan vroeger met conflicten zijn gevuld. Er waren juist heel veel momenten die mooie herinneringen zijn geworden. Zoals in de keuken, waar we druk bezig waren met een snijbonenmolen, omdat de bonenoogst weer een omvang had waar –zoals mijn moeder verzuchtte- een heel weeshuis van kon eten.

Naast de plek in het gezin en op het zadel van zijn fiets (mijn vader heeft in zijn leven een afstand weggefietst waarbij hij zeker de wereld een paar keer heeft rondgefietst) was mijn vader graag en heel vaak aanwezig op zijn volkstuintje. Hij had er een tuinhuisje staan, door hemzelf en zijn, later ex, schoonzoon in elkaar gezet. Ondanks regen en koud weer was mijn vader aanwezig op het volkstuincomplex langs de Geusstraat in de woonwijk De Schooten.

In het voorjaar van 2009 had mijn vader geen energie meer om naar zijn volkstuintje te gaan of op zijn elektrische fiets een rondje te rijden. Voor hem was het leven niet meer leuk. Hij was moe. Niet levensmoe. Maar moe van de kanker en de behandelingen die de ziekte mochten bestrijden. Mijn vader had een enorme conditie, mede te danken aan zijn actieve hobby’s, maar na twintig jaar vechten tegen verschillende vormen van kanker op diverse plekken in zijn lichaam, kon hij niet meer.

Mijn vader, Hille Bosma, had vandaag zijn 85e verjaardag kunnen vieren. Dit is hem niet gelukt. Ondanks dat mijn vader is overleden leeft hij voort in mijn gedachten en op bijzondere momenten. Zoals vandaag. Zijn verjaardag.
“Lieve pa, van harte gefeliciteerd. Ik wens je nog veel jaren in de gedachten van velen toe!”

2004 – 2014

Vandaag, tien jaar geleden schreef ik in de vroege uren van de dinsdagavond mijn allereerste blog via dray.web-log.nl. Wanneer je deze link nu aanklikt kom je nergens terecht, want in die 10 jaar is er inmiddels het een en ander veranderd. De site web-log.nl  bestaat al een paar jaar niet meer en is destijds door Sanoma overgenomen. Volgens mij kan je daar nu via blogtoday.nl  een eigen blog beginnen.

Door veel (onaangename) veranderingen en wat onrust bij web-log.nl  ben ik in februari 2011 overgestapt naar Blogspot.nl en daar heb ik een zevental maanden mijn meningen en ervaringen geblogd, om vervolgens in september van dat jaar via WordPress te gaan bloggen. Via WordPress blog ik nog steeds en naar tevredenheid. Begin dit jaar (in mei) had ik even genoeg van het bloggen, maar sinds 8 augustus blog ik nu weer dagelijks.

Het voordeel van het bijhouden van een weblog is, dat je -net als met een logboek- bij kunt houden wat en wanneer je iets hebt uitgevoerd. Een hulpstuk aan herinneringen. Zo vind ik het leuk te weten wat ik ongeveer acht jaar geleden hier heb geblogd. Het is niet van belang, maar ik vind het wel entertaining.  Ik ga ervan uit dat -wanneer ‘god’ en mijn gezondheid het toelaten- ik nog eens een tiental jaren kan bloggen over van alles en nog niets.

 

Regenplassen en regenwormen

“Het is weer om een erfenis te verdelen.”, zegt mijn moeder altijd wanneer de regen buiten druilerig en constant valt. Gelukkig is er niemand overleden en valt er geen erfenis te verdelen, maar het is een gezegde om aan te geven dat het nare weer buitenshuis toch érgens goed voor moet zijn. Ik zou het in het verleden nooit gezegd kunnen hebben, maar het was vanmorgen fantastisch weer om te gaan hardlopen! Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat er in eerste instantie geen zin was om door de (harde) regen te lopen, maar de gedachte dat ik vandaag niet kon hardlopen, maakte me te onrustig.

Dus toch die hardloopschoenen aangetrokken en naar buiten gegaan. Een baseballpet sierde mijn hoofd, zodat het hemelwater niet rechtstreeks in mijn ogen kwam en het hardlopen ging lekker. Beter dan de vorige twee looprondjes, toen ik een beetje (veel) last van mijn knieën had. Misschien kwam het omdat ik voorzichtig(er) ging lopen, omdat er overal regenplassen en regenwormen op mijn route lagen. De afvoer van het hemelwater is in Almere niet overal goed geregeld en dat resulteert in hink-stap-sprong-situaties, omdat de regenplassen  uiteindelijk minimeertjes blijken te zijn.

Ik weet nu ook waarom men regenwormen, regenwormen noemt. Bij iedere regenbui komen ze uit de grond gekropen om zand van hun ringen te spoelen. Ik heb vanmorgen, zonder dat ik overdrijf, meer dan een paar honderd regenwormen op stoepen en fietspaden zien kruipen en kronkelen, en het is niet dat ik het zielig vind wanneer de zolen van mijn hardloopschoenen deze ongewervelde dieren vertrappen, maar de gedachte om stukjes platgetrapte regenworm onder mijn zolen mee te voeren vind ik weerzinwekkend. Ondanks dat ik voorzichtig heb gelopen, ben ik toch sneller gaan lopen dan de voorlaatste twee hardlooprondjes, want ik wil niet al te lang stilstaan bij die vieze gedachte.

20140321-144859.jpg
Oorspronkelijk geplaatst op http://www.happyhardloper.wordpress.com

Negen

  • Negen is 9. 8 + 1. Negen is het natuurlijke getal dat acht opvolgt en tien voorafgaat.
  • Verder valt het getal 9 te definiëren als het getal 3 tot de macht twee.
  • Ieder getal waarvan de cijfersom 9 is, is zelf deelbaar door 9. Bijvoorbeeld: 2817 is deelbaar door 9, omdat de cijfersom 9 is (2 + 8 + 1 + 7 = 18 en 1 + 8 = 9). De wiskundige uitleg hiervoor is de volgende: 2817 = 2000 + 800 + 10 + 7 en dus 2817= 2 × (999 + 1) + 8 ×(99 + 1) + 1 × (9 + 1) + 7 en uitgewerkt geeft dit 2817= 2 × 999 + 8 × 99 + 9 + 2 + 8 + 1 + 7 waarbij we makkelijk kunnen inzien dat de termen met 999 en 99 en 9 deelbaar zijn door 9.
  • 9 is het kleinste Kaprekargetal, omdat 9² = 81 en 8 + 1 = 9. Het is een Motzkingetal.
  • Negen is uiteraard een negenhoeksgetal.
  • Negen is een getal uit de rij van Padovan.
  • Negen komt in de natuur voor bij de geboorte van een mens m.b.t. de maan: de negen manen.
  • In het Hebreeuws heeft de negen dan ook de baarmoeder als teken.
  • Als een negen omgedraaid wordt, wordt het een zes.
  • De negen is de laatste der eenheden in het decimale talstelsel.
  • Negen, als de hoogste enkele cijfer in het decimale talstelsel, symboliseert volledigheid in het bahaigeloof. Bovendien heeft het woord bahá’ in de Abjad-notatie een waarde van 9 en een negenpuntige ster wordt gebruikt om de religie te symboliseren.
  • Negen is een hoofdtelwoord.
  • Negen is ook een palindroom.
  • In de kleurcode voor elektronische componenten wordt 9 aangeduid met de kleur wit.
  • In de kleurcodering in de bibliotheek wordt de 9 door de letter L op een bruin vlak gerepresenteerd.
  • Negen uur in de avond wordt vaak als 21.00 uur geschreven.
  • Dit weblog bestaat vandaag precies 9 jaar.

9