Nike Pegasus 34

Vanmorgen stond ik weer voor 08:00 uur buiten om een rondje te gaan hardlopen. Ik wilde vandaag ik een stukje van de Pampushavenweg meenemen. Daar had ik al anderhalve maand niet meer gelopen en de ruime, vrije ervaring dat ik daar heb, wanneer ik op mijn hardloopschoenen langs het windmolenpark loop wilde ik weer even meemaken. Flauwekul natuurlijk, ik wilde gewoon weer eens de wekelijkse 10 kilometer aantikken.

Het lopen zelf ging goed. Er is momenteel een brug afgebroken tussen het Spoorbaanpad en Dokkumlaan, waardoor je met een omweg richting het Beatrixpark moet. Ik had vrijdagmiddag vanuit de trein, onderweg naar huis van het werk, zelf gezien dat er een alternatieve brug was gecreëerd om een nieuwe te kunnen plaatsen. Ik ging ervan uit dat ik nu wel rechtstreeks, zonder omweg, mijn route kon lopen. Think again.

Ik liep vanmorgen richting de nieuwe brug, maar die bleek niet zo snel bereikbaar. De hekwerken van Heras sloten de toegang af, maar ik liet me op dit vroege uur niet tegenhouden. Via de ‘achtertuin’ van het Leger Des Heils liep ik doelbewust richting de geïmproviseerde brug en naar de overkant van het water. Hier was het nog een kleine opgave om een opening in het hekwerk te vinden, welke ik uiteindelijk (met een kleine omweg) vond.

Al snel kon ik weer in mijn eigen tempo doorgaan over de Dokkumlaan. om richting Pampushavenweg te hardlopen. Door het Beatrixpark, over de Saxofoonweg, richting het windmolenpark. Het was niet mooi lenteachtig weer meer, maar wel heerlijk hardloopweer. Onderweg haalde ik nog een paar hardlopers in en via het Michelinpad liep ik weer terug naar de bewoonde wereld en langs de begraafplaats weer terug naar het Beatrixpark, om daar na 8 kilometer weer naar huis te hardlopen.

Ik moest, net als de voorgaande zaterdag, alsnog een kleine omweg creëren om toch die 10 kilometers aan te kunnen tikken. Vlakbij huis kreeg ik het volgende bericht via mijn hardloop-app: “Goed gedaan! Je hebt 931 op je Nike schoenen afgelegd. De meeste fabrikanten raden aan om je hardloopschoenen na 500-800 kilometer te vervangen om blessures te helpen voorkomen. Misschien is dit een goed moment om jezelf met een nieuw paar te belonen.”

Thuis ben ik meteen onder de douche gaan staan en heb de regen en het zweet van me afgespoeld. Misschien dat ik vanmiddag nog even naar het centrum ga. Wanneer in een van de hardloopwinkels nieuwe hardloopschoenen in de aanbieding zijn, was dit rondje het laatste op mijn oude Nike Air Zoom Pegasus 34 hardloopschoenen.

Run 18.
Start: 07:49 uur.
Afstand: 10,02 kilometer.
Tijd: 0:48:49 uur.
Tempo: 04:52 per kilometer.
Calorieën: 1.008 cal.

img_1917

Geheim

‘Sinds een zomer in mijn jeugd heb ik ontmoetingen gehad met een bijzonder persoon. Onze eerste bijzondere ontmoeting, waarvan niemand het wist, was op het landgoed van vrienden van mijn ouders. Deze vrienden waren de ouders van deze vrouw. Tijdens een van de feesten die iedere zomer werden gegeven. Het was op een zomerfeest dat ik net 17 jaar was geworden dat ik een kaartje vond met hierop mijn naam geschreven. Op de binnenkant stond in een mooi handschrift een geheimzinnige boodschap geschreven.

“Kom in de Tuin en ga onder de Klimop.
Onder de Bladeren. Weg van het Feest.
Kom recht naar de Roos.
Ga door naar de Witte Roos.
Vind Mij.”

Ik wist niet precies wat de boodschap op de kaart inhield, maar ik was wel nieuwsgierig naar de persoon achter de afzender. Op het feest en na de welkomst-toast van de vriend van de familie, verliet ik het gezelschap en liep de tuin in. Op het terras was het nog druk, maar naarmate ik meer de tuin inliep, kwam ik al snel minder gasten tegen. Ik zocht naar een klimop, maar kon deze niet vinden. Er waren geen hagen waarop verder andere begroeiing te vinden was. Ik liep dieper de tuin in, tussen een paar oude bomen, tot de dichte begroeiing om een oude wilg mij opviel.

Nerveus liep ik om de klimop die de oude wilg vanaf de grond tot ruim 2 meter hoog omhelsde. Naast een paar oranje gladiolen zag ik een smalle opening in de klimop. Voorzichtig trok ik de lange klimopslierten aan de kant en ontsloot de opening. Ik bukte voorover en kroop onder het bladerdek door. Het was er zeer lommerrijk en ik moest mijn ogen laten wennen aan het duister. Een lichte helling liep onder de wilg naar beneden. Voorzichtig deed ik een paar stappen naar voren en stond ik even daarna in een doorgang van groen.

De zon scheen met moeite door het dichte bladerdek. Het was er vredig en rustig. Zachtjes hoorde ik een paar vogels zingen. Links van mij leek de doorgang te eindigen. Verderop, rechts van mij, zag ik -zoals het kaartje beloofde, een rozenstruik vol bloeiende witte rozen. Ik liep er heen, en achter de rozenstruik bevond zich een lage opening. Ik moest door mijn knieën om er doorheen te komen. Eenmaal door de opening zag ik, dat ik me in een kleine laar, een natuurlijke tuinkamer tussen de dichte begroeiing, bevond. Ik stond rechtop en stond tegenover mijn convoceer. Zittend op een bankje, verstopt tussen het groen.

Ze keek me verlegen, maar lachend aan en zei met zachte stem: “Ik wist dat je het wel kon vinden. Hier trek ik me graag terug. Het is mijn meest favoriete plek, een perfecte schuilplaats. Ik ben hier dagelijks, ongeacht het weer. Het geeft verkoeling tijdens de hitte en genot wanneer het regent. Soms zit ik hier tijdens onweer en voel ik de verkoeling aan mijn voeten van de grijze tegels in het groen.”
Ik knikte, want ik begreep goed wat ze bedoelde. Ik voelde het overal om me heen. “Weten anderen van deze plek?” vroeg ik  haar.
Ze schudde van niet en zei: “Het is niet makkelijk om dit geheim te delen. Het voelt niet veilig. Kan ik je vertrouwen?”

Ik glimlachte, liep naar haar toe en nam naast haar plaats. We spraken beiden niet. Haar intrigerende ogen spraken voor zich. Ik schoof naar haar toe en zij leunde tegen mij aan. Haar rechterhand in mijn linker. Zo hebben we een hele tijd zwijgend gezeten. Ik streelde langzaam haar hoofd en zij kroop dichter tegen mij aan. Ik voelde haar lichaamswarmte en haar ronde vormen tegen mijn lichaam. Ik voelde me gelukkig. Hier wilde ik altijd blijven. Uiteindelijk gaven we toe aan het lichamelijk verlangen en waren we voor een heel lang moment één.

Deze speciale ontmoetingen hebben we hierna jaarlijks herhaald. Iedere zomer bezochten we elkaar op de bijzondere plek in de tuin. Aan het einde van iedere zomer groeiden we uit elkaar, om het volgende jaar elkaar weer te ontmoeten. We raakten bedreven van elkaar en wisten al onze geheimen. Zo bleven we op de hoogte van wat ons in het leven interesseerde, en ondanks dat we het niet altijd met elkaar eens wilden zijn, waren we één tijdens de bijzondere momenten achter de klimop. Iedere zomer.

Vandaag loop ik weer de tuin in. Ik ga achter de klimop, onder het bladerdek en bij de witte rozen. Ik voel de ijzige kou van de groen, grijze ondergrond en alles is nog steeds overgroeid met klimop. Ik ga niet meer zo makkelijk door de knieën, maar wanneer ik de tuinkamer betreed, verdwijnt de pijn uit de benen bij het zien van het oude, vertrouwde gezicht en de sprekende, intrigerende ogen die mij na al die jaren nog steeds verlegen aankijken. Ik lach naar haar en ik ben gelukkig.’

MaandagAvondRun

Maandagmiddag. De trein naar huis heeft vertraging. Ik raak hierdoor niet heel veel tijd kwijt, maar ik heb het plan om bij thuiskomst meteen te gaan hardlopen en nu kom ik voor mijn gevoel in tijdnood. Onderweg dendert de trein in een vlot tempo door en uiteindelijk kom ik maar 2 minuten later aan op het station in Almere. Het valt allemaal nog mee.

Thuis aangekomen kleed ik me om en al snel sta ik buiten. Het is druk met fietsers op mijn route. Men fietst snel naar huis om nog even te genieten van het mooie weer. Het hardlopen gaat lekker, maar halverwege voel ik een stramme pijn in mijn knieën. Komt dit omdat ik nu 3 keer per week hardloop? Misschien moet ik de aankomende woensdag een run overslaan?

Run 17.
Start: 17:33 uur.
Afstand: 05,50 kilometer.
Tijd: 0:26:31 uur.
Tempo: 04:49 per kilometer.
Calorieën: 597 cal.

img_1802-1

Zaterdagochtend

 

Zaterdagochtend. Het is nog geen acht uur en ik sta in de voortuin. Muziek in de oren en met mijn Strava hardloop-app geef ik de thuisblijvers mijn route per SMS door. Zo kunnen ze mij, tijdens mijn run, volgen. Altijd handig mocht er onderweg iets ‘ergs’ gebeuren. Dan weet men in ieder geval in welke greppel ze moeten zoeken. To be optimistic.

Over optimistisch gesproken. Vrijdagavond had ik een nieuwe playlist via Spotify voor hardlopen aangemaakt. Een lijst met oude hits uit de jaren 70. Het leek een goed plan. Lekker hardlopen op de klanken van 40 jaar terug. Op deze zaterdagochtend begint het prima met het klassieke nummer Superstition van Stevie Wonder. Hierna volgen nog een paar rocknummers waarop ik het lopen niet zo geweldig vind, maar we lopen stug door. Ik weet niet meer precies wat ik nog te horen krijg.

Na zo’n 5 kilometer, op de Noorderledeweg in Almere, schrik ik me wezenloos wanneer de groep Journey heel hard Any Way You Want It in mijn oren schreeuwt. Nijdig neem ik me voor om bij thuiskomst meteen deze playlist van mijn Spotify te verwijderen en schakel over naar mijn oude, vertrouwde playlist. Het hardlopen zelf gaat prima. De zon komt op en er ontstaan nevels boven de grasvelden. Ik loop nog een laatste stukje langs de Noorderplassen om daarna de woonwijken in te te lopen.

Ik wilde vandaag minimaal 10 kilometer hardlopen, maar na 8 kilometer besef ik dat ik een kilometer te kort kom. Dat wordt een extra lus door het Hanny Schaftpark, om tot aan het minimaal aantal kilometers te komen. Op het Reggepad zie ik een grote groep hardlopers voor mij lopen. Ik wil ze op de smalle paden in het park niet passeren, want sommige hardlopers in groepen zijn meer bezig met de sociale praat, dan met het hardlopen zelf. Ik loop om en neem een klein stukje woonwijk mee. Zo maak ik ook weer wat extra meters.

Run 16.
Start: 07:54 uur.
Afstand: 10,04 kilometer.
Tijd: 0:49:10 uur.
Tempo: 04:54 per kilometer.
Calorieën: 1.092 cal.

img_1680

 

Verlangen

 

In mijn bed bezoek ik een platenzaak. Zo’n zaak waar je ouderwetse muziekdragers als vinyl langspeelplaten, singletjes en muziekcassettes kunt aanschaffen. Nog voor de compact-discs en andere mp3-bestanden die je met je telefoon kunt beluisteren. Er staan grote bakken, gevuld met vinyl in vierkante hoezen waarvoor ik geen leesbril nodig hebt om op de achterzijde van de albums de tracklist te kunnen lezen. Men zegt dat platenzaken als deze weer in opkomst zijn. daarbij heeft bijna iedere zelf respecterende elektronicazaak tegenwoordig een hoekje in de zaak waar men vinyl kan kopen.

In bed struin ik in een gelukkige stemming langs de grote aantallen aan elpees en maxi-singles, de 12″-uitvoeringen van de grote hits van toen. De bak met vinyl bij de Mediamarkt valt erbij in het niet. De grote kleurrijke platenhoezen doen bijna zeer aan mijn ogen, maar ik geniet intens van het moment. Met mijn vingertoppen tik ik de platenhoezen naar voren, en bij iedere nieuw album dat tevoorschijn komt klopt mijn hart iets sneller.

Ik heb deze terugkerende droom al sinds de jaren 80, waarin ik de meest zeldzame uitvoeringen op vinyl van mijn muzikale idolen onder handen kreeg. Een bijzondere uitgave van de grootste hit van zanger Jacques Dutronc of een verzamelalbum van The Supremes, zonder Diana Ross. Het ene exemplaar blijkt nog mooier dan de ander! Alleen heb ik het nooit voor elkaar gekregen om deze buitengewone exemplaren te mogen bezitten. Het is me nooit gelukt het vinyl af te mogen rekenen. Ik heb geen idee wat deze terugkerende droom betekent. Daar mogen de dromenkenners over parlevinken.

In bed lig ik lichtelijk teleurgesteld en check de tijd op de wekker. Het is nog nacht. Dit betekent dat ik nog even kan blijven liggen. Heerlijk, en ik beloof mezelf dat ik morgen de app Discogs moet checken op mooi vinyl. Hier vind ik over een paar uur, in ontwaakte toestand, voldoende vinylalbums en nog meer -singletjes. Oude en nieuwe her-uitvoeringen. Een ding is zeker; bij de internetwinkel Discogs is er wel een kassa om af te rekenen.

In bed val ik uiteindelijk weer in slaap en droom ik over andere dingen. Ik ben aan het hardlopen in Parijs. Ik ren in de vroege ochtend langs de oevers van de Seine, richting de Eiffeltoren. De Veegmachines en travestieten gaan mij voorbij. De kranten zijn gedrukt en de voorbijgangers, onderweg naar het werk, kijken bedrukt. De Franse hoofdstad ontwaakt. Hardlopend draaf ik door de straten van Parijs en droom nog even.

Run 15

Woensdagmiddag en mooi weer. Wederom voor mij een goede reden om in de namiddag, bij thuiskomst na het werk, een rondje te gaan hardlopen. Met de gedachte: het blijft iedere dag iets langer licht en daarom kan ik langer lopen, nam ik me voor om een iets breder rondje dan 5 kilometer te gaan lopen. Niet dat ik meteen een halve marathon in gedachten had, maar stap voor stap kom je al een heel eind.

Het werd vandaag een rondje van 6,58 kilometer. Ik liep al snel in een rap tempo. Tot mijn verbazing haalde ik op het Humberpad een fietser in. Onderweg van het werk, naar huis. Eerst dacht ik even dat het een beeldschermzombie was. Alleen oog voor het beeldscherm van hun mobiel, maar deze meneer zat heel relaxt op zijn fiets, te genieten van het mooie, zachte weer. Alsof hij alle tijd van de wereld had.

Na 3 kilometer hardlopen vond ik dat ik het wel iets rustiger aan kon doen. Ik hoef tenslotte niet iedere dag een persoonlijk snelheidsrecord te breken. Het is de bedoeling dat ik weer wat langere afstanden kan lopen, en niet dat ik in een zo snel mogelijke tijd mijn rondjes loop, en daarmee een blessure oploop. Het wordt tenslotte iedere dag later donker, dus snelheid is niet nodig om op tijd thuis te zijn.

Run 15.
Start: 17:30 uur.
Afstand: 06,58 kilometer.
Tijd: 0:31:29 uur.
Tempo: 04:47 per kilometer.
Calorieën: 715 cal.

img_1541

Volle maan – Run 14

Memo aan mijzelf: draag een onderbroek tijdens het hardlopen!

Misschien is het een gênant onderwerp voor de hardlopers, of gewoon gênant in het algemeen. Het wel of niet dragen van onderbroeken. Voorheen stapte ik met mijn blote kont in mijn hardloopbroeken, maar ondanks de binnenbroek of andere afwerkingen, vind ik het toch fijner dat ik altijd shorts draag onder mijn sportkleding. Tijdens de afgelopen hardlooprondes 12 & 13 was ik eigenwijs en hebben de scherpe stofranden in mijn hardloopshorts (tights en shorts) flink mijn liezen bewerkt. Er is niet genoeg Sudocrem in de wereld om mij enige verlichting te geven.

Nu kan het zijn dat het dankzij deze pijnlijke liezen mijn hardlooprondje van vanmiddag niet helemaal lekker ging. De hele dag ging eigenlijk helemaal niet zo vlot. Wellicht heeft het te maken met de maanstand. Het is vandaag volle maan en als je de legendes moet geloven veranderen sommige mensen in weerwolven en andere monsters. Sowieso heeft de maan invloed op het tij (eb en vloed), dus als het de zee kan laten stijgen (en zakken), dan kan het ook invloed hebben op de mensen. Denk ik. Behalve dan dat over het veranderen in weerwolven of monsters.

Mijn rondje ging vanmiddag gewoon niet lekker. Mijn sokken zaten scheef aan mijn voeten en ondanks dat ik dacht met enige schwung de eerste kilometers te lopen, ging ik iets langzamer dan dat ik de afgelopen periode heb gedaan. Gelukkig herkreeg ik enige motivatie toen ik langs een sportschool liep en daar een paar mensen op de lopende band achter het glas zag zweten. Dan deed ik het toch iets beter, hardlopen in het namiddagzonnetje. Niet dat het rondje nu overging in een sprintje, want mijn liezen deden zeer en mijn sokken bleven scheef zitten, en de trap van ±30 treden waren een opgave.

Ik was terecht opgelucht toen ik in het Hanny Schaftpark kon stoppen met hardlopen en voorzichtig de laatste meters naar huis kon wandelen.

Run 14.
Start: 17:33 uur.
Afstand: 05,15 kilometer.
Tijd: 0:25:04 uur.
Tempo: 04:52 per kilometer.
Calorieën: 560 cal.

img_1448

 

 

Zaterdag – Run 13

Zaterdagochtend ben ik vroeg opgestaan. Ik wilde op tijd in mijn hardloop-outfit buiten staan, om te genieten van de opkomende zon en met het doel om 10 kilometer te lopen. Ik had in gedachten al een route uitgestippeld; snel de woonwijk door en dan de natuur in, richting Zeeroverseiland bij de Noorderplassen. Daar wilde ik dan na 6 kilometer hardlopen weer teruggaan richting thuis. Op zo’n manier kom je wel op een totaal van 10 kilometer hardlopen.

Nu was ik al op de hoogte van de plannen van de gemeente Almere om een camping te creëren op het Schateiland aan het einde van de Trekvogelweg, maar ik was toch ook benieuwd naar de voortgang van deze plannen. De kans was groot dat ik niet de volle 6 kilometers in het natuurgebied kon volbrengen, door de diverse werkzaamheden. Dit vermoeden werd versterkt onderweg toen ik meerdere graafmachines op mijn weg naar het Zeeroverseiland zag staan.

Ik liet me hier echter niet door weerhouden. Het hardlopen ging lekker en in een fijn tempo. Deze zon scheen me in de rug en ik bedacht dat ik misschien toch de geplande route kon belopen. Daar was ik niet meer zo zeker van toen ik na 4 kilometer hardlopen op het Schateiland zelf aankwam. Er waren duidelijk sporen van werkzaamheden en op een gegeven moment hield de weg op. Er zat niets anders op om terug te lopen. Met de zon in mijn gezicht (waarom had ik mijn zonnebril thuisgelaten?) liep ik de Trekvogelweg sneller dan gedacht weer terug.

Om toch aan de 10 kilometer te komen, bedacht ik een rondje om Sportpark Fanny Blankers-Koen te lopen, langs het asielzoekerscentrum weer terug naar de bewoonde wereld. In een nog steeds lekker tempo liep ik verder, richting het Bos der Onverzettelijken, waar ik uiteindelijk het gewenste aantal kilometers kan maken. De laatste paar honderd meter heb ik rustig uitgewandeld, zodat ik uitgerust thuis kon komen en aan de rest van de dag kon beginnen.

Run 13.
Start: 07:57 uur.
Afstand: 10,07 kilometer.
Tijd: 0:49:16 uur.
Tempo: 04:54 per kilometer.
Calorieën: 1.096 cal.

img_1375

 

 

Afgeleid

Met een omweg reisde Marjolein in de trein naar huis. Niet geheel vrijwillig, want dankzij een vertraging van een bus in Utrecht had ze op het centraal station haar gebruikelijke, vaste treinverbinding gemist. Op het station trok ze nog een sprintje naar perron 18, waarbij de andere aanwezige geschrokken voor haar aan de kant sprongen. Op haar hakken rende ze lang niet zo snel als op haar hardloopschoenen. Het sprintje bleek vergeefs, de trein reed langzaam voor haar neus weg. Ze keek vuil naar de mensen in de trein die volgens haar gniffelden om haar pech.

Marjolein overwoog in een andere trein te stappen, via Houten, maar zag er snel van af. Er zat haar niets anders op om een trein later te nemen. Deze had, zoals ze al had verwacht, een vertraging van enkele minuten. Het nadeel is dat er meer reizigers in de trein met vertraging meerijden. Zij die anders moeten wachten op hun vaste verbinding, hebben nu het geluk dat ze een paar minuten eerder kunnen reizen. Daarbij wordt het altijd dringen om een zitplaats. Bij aankomst van de vertraagde trein vond ze al snel een zitplaats op het balkon. Andere reizigers liepen door naar een plek in de coupé.

Naast haar nam een oude man plaats. Hij keek haar vluchtig aan, staarde vervolgens een beetje afwezig naar buiten en boog zich lichtjes naar haar toe.
‘Is dit de trein naar Eindhoven?’, vroeg de man.
‘Jazeker. De trein maakt nog een stop in Den Bosch en rijdt daarna door naar Eindhoven.’ informeerde ze de man.
‘Da’s mooi.’ zei hij opgelucht.
Marjolein knikte en met een vriendelijke glimlach op haar gezicht keek ze naar buiten, waar het landschap met een toepasselijke sneltreinvaart aan haar voorbij ging.

Ze voelde dat de man een gesprek met haar wilde aangaan, maar daar had Marjolein even geen zin in, na alle stress van vandaag. De vertraging en het sprintje op Utrecht en de teleurstelling, maakten haar moe. Ze pakte haar e-reader uit haar tas, en startte deze op. Ze las de eerste zin van hoofdstuk 18: Het is gestopt met regenen en de voetbalvelden rond de sporthal liggen er verlaten bij. Ze kon zich niet concentreren. Ze sloot de e-reader af en legde het apparaat op haar schoot. Ze keek de man naast haar aan en vroeg of hij iets leuks ging doen in Eindhoven. De man begon te vertellen dat hij onderweg naar huis was, en vertelde haar over het bezoek aan zijn kleinzoon in Utrecht. Hij had er van genoten, maar de stad Utrecht en haar bewoners vond hij maar vreemd.

Als een echte Brabander, zo zei hij, kon hij nooit wennen aan de ingetogen mensen boven de rivieren. Hij was liever alleen in zijn flatje in de Lichtstad van Nederland, dan dat hij zich omringde met mensen van een andere stad. De man zat op de figuurlijke praatstoel en vertelde over zijn familie en de andere mensen in zijn leven. Ondanks familie en buurtjes in zijn stad, zag en sprak hij ze bijna nooit. De achterstand in het praten met anderen had de man tijdens deze reis aardig weten in te halen. De tijd vloog om en voordat Marjolein het door had stond de trein stil op het station ‘s-Hertogenbosch, waar ze woonde. Met een goedendag liet ze de man achter in de trein.

Korte broek – Run 12

 

Het was vandaag uitzonderlijk voorjaarsachtig weer. Tenminste, die mening was ik toebedeeld. In de middag liet ik mijn collega’s al weten dat als het aan het einde van de dag nog steeds zo mooi weer zou zijn, ik in korte broek ging hardlopen. In de trein checkte ik nog even de buitentemperatuur van Almere en die hing tegen de 10° graden. Reden om in korte broek te gaan hardlopen.

In Almere, onderweg van het station naar huis, moest ik eerst nog even iets voor het avondeten halen bij de Amazing Oriental, waardoor ik iets later thuis aankwam en ik zelf druk creëerde om snel weet buiten te staan. Voor je het weet eindig je het hardlooprondje in het donker. Daarbij raakte ik dit keer geen kostbare tijd kwijt door ergerniswekkend gestoei met mijn running-tights. Geen worsteling bij het in mijn shorts stappen, en gaan!

Eenmaal buiten, compleet in mijn hardloopoutfit, opende ik de Spotify playlist en de hardloop-app. Het was heerlijk weer, zoals verwacht en met discoklanken bij de oren begon ik zonder blessurepijntjes aan mijn run. Mijn planning was 5 kilometers te hardlopen en met mijn ervaring met diverse runs in mijn stad, weet ik uit mijn hoofd welke route ik voor diverse afstanden kan kiezen.

De schemering trad halverwege mijn run toch al rap in, wat overigens weer een mooi gekleurde lucht opleverde. Het was weer fijn om in korte broek te lopen. Alleen aan mijn knieën voelde ik dat het idee van een korte broek misschien iets te enthousiast was geweest, maar na 5 kilometer en nog geen 25 minuten liep ik in rustig tempo de laatste meters naar huis toe. Ik hoop dat het overmorgen weer zo vriendelijk weer is.

Run 12.
Start: 17:42 uur.
Afstand: 5,04 kilometer.
Tijd: 0:24:16 uur.
Tempo: 04:48 per kilometer.
Calorieën: 547 cal.

img_1243

 

Run 11 – 2019

Gistermiddag, onderweg van mijn werk in Amsterdam-Zuid naar thuis in Almere-Stad, was het nog helder en mooi weer buiten. Ik besloot daar in de trein om bij thuiskomst meteen een rondje van 5 kilometer te gaan hardlopen. Het idee dat de tijd van het jaar is aangebroken om weer ‘s-avonds te kunnen hardlopen, vind ik heerlijk.

Zondag tijdens het hardlopen heb ik besloten het bloggen over hardlopen weer op te pakken, en daarom had ik me voorgenomen om tijdens dit elfde rondje van 2019 géén wandelpauze in te lassen (en daarbij ook de hardloop-app niet te pauzeren). Het blijkt dat het bijhouden van een hardloop-weblog als de figuurlijke stok achter de deur werkt. De sleutel tot genezing is de verplichting aan jezelf.

Of het te maken heeft met het uitsluiten van een wandelstukje tijdens het hardlopen (en het pauzeren van de hardloop-app), of dat ik graag voor het donker weer thuis wilde zijn, maar ik heb het rondje in een zeer snelle tijd gelopen. Een gemiddelde van 4:46 minuut per kilometer. Dit was me een jaar geleden niet gelukt, toen rende ik gemiddeld zowat 1 minuut langzamer. Niet dat het heel snel hardlopen een nieuw levensdoel is geworden, want ondanks dat ik vorig jaar minder snel liep, rende ik toen al met net zoveel plezier als ik de laatste tijd doe.

Run 11.
Start: 17:35 uur.
Afstand: 5,05 kilometer.
Tijd: 0:24:06 uur.
Tempo: 04:46 per kilometer.
Calorieën: 547 cal.

img_1145

Run #10 – 2019

Vanmorgen heb ik het tiende hardlooprondje van het jaar gedaan. Ik zit helaas net onder het gemiddelde van 2 runs per week. Dit mag ik wel even oppakken, want het is het minimale wat ik wekelijks wil lopen. Gelukkig blijft het langer licht, dus zal ik binnenkort na werktijd ook weer vaker kunnen hardlopen.

Ik was iets later dan normaal uit mijn bed gekomen, en ik kon mede hierom niet meteen de motivatie vinden om de hardloopschoenen aan te trekken. Dat het buiten regende heeft hierin ook meegeteld. Ik vind het deze (winter)maanden sowieso minder aantrekkelijk om mijn hardloopoutfit aan te trekken. In de zomer is het shirt en shorts aan, en gaan. Nu steek ik de benen in running-tights en raak dan tijd kwijt door alles op de juiste plek te krijgen voordat ik buiten sta. De ritsen in mijn tights willen bij de enkels nogal op zo’n manier draaien dat ze tijdens het hardlopen in mijn achillespees prikken. Hoogst irritant.

Tijdens het hardlopen dacht ik er aan dat ik het bloggen over hardlopen weer moet oppakken, want de laatste runs heb ik er een gewoonte van gemaakt om een wandelpauze van ± 1½ minuut in te lassen en dat moet ik gewoon niet meer doen. Wanneer ik in april weer een halve marathon wil gaan lopen, wil ik daar ook geen wandelpauze inplannen, ondanks dat het bijna geen invloed heeft op mijn snelheid (omdat ik tijdens het wandelen mijn hardloop-app op pauze zet). Na een een pauze van ruim 1 jaar, pak ik hier de boel weer op. Berichten over de voortgang van mijn hardlooprondjes en het opbouwen van het aantal kilometer. En het minderen van wandelpauzes.

Sinds ± 2 maanden loop ik weer ‘ouderwets’ in mijn vertrouwde tempo van onder de 5 minuten per kilometer, met hier en daar een uitschieter. Zoals vandaag. Het is met mijn verjaardag (12 december) voor het laatst geweest dat het tempo (het gemiddelde) boven de 5 minuten per kilometer is geweest.

Run 10.
Start: 09:23 uur.
Afstand: 5,57 kilometer.
Tijd: 0:26:51 uur.
Tempo: 04:49 per kilometer.
Calorieën: 605 cal.

img_1079-1

Vakantieganger

Bij mij in de buurt woont meneer de Jong. Hij is een oudere man van in de zeventig en is zijn leven lang al vrijgezel. Daarnaast is meneer de Jong een enthousiast reiziger. Hij heeft al heel veel van de wereld gezien. De mensen in zijn omgeving denken daar misschien anders over, want meneer weet je de meest schitterende verhalen nauwgezet te vertellen. Over zijn vele trips naar iedere uithoek van de wereld, maar foto’s kan hij je niet laten zien. Wil je iets weten over het eiland Tristan da Cunha, het meest afgelegen eiland van de wereld, dan kan hij daar levendig over vertellen. Dat het eiland in het jaar 1506 door de Portugezen is ontdekt en dat er tegenwoordig iets minder dan 300 mensen wonen, allemaal agrariërs.

Wanneer je aan meneer vraagt over zijn trips náár de diverse wereldbestemmingen, het reizen, het onderweg zijn zelf, dan blijft hij stil. Hij gaat je nooit vertellen over de vertragingen of het uitvallen van vliegtuigvluchten. Dit kan hij je ook niet vertellen, omdat meneer zijn verschillende reizen alleen in gedachten heeft gedaan. Overal waar hij is geweest, alle trips naar de diverse windstreken, hebben alleen in zijn hoofd plaatsgevonden. De buitengewone verhalen omtrent zijn trip naar Kersteiland ten spijt, is meneer de Jong er nooit geweest. Het omvangrijke detail over de tocht van de rode krabben was geloofwaardig, maar het was hem via de tv doorgegeven

Ooit, iets van 30 jaar geleden, heeft meneer een feitelijke vakantietrip ondernomen. Een rondreis door Scandinavië. Meneer wilde graag per bus door Noorwegen, Zweden en Finland reizen. Dit was geen succes. De bus was niet comfortabel, de omgang met de andere reizigers van het reisgezelschap lag hem niet en de verplichte fotostops ten spijt, heeft hij maar een paar tastbare herinneringen aan deze trip overgehouden. Toegegeven, het meemaken van de middernachtzon was een hoogtepunt voor hem, maar via foto’s of op de tv had hij deze op zijn gemak kunnen zien, zonder het lastigvallen door omstanders. Sindsdien is hij genezen van het reizen en boekt hij alleen nog reserveringen bij de bibliotheek.

De omgeving van meneer -zijn vrienden en familie, vinden het niet erg dat meneer zijn vakanties alleen in zijn hoofd meemaakt. Hij vertelt ze beeldend en onderhoudend, en niemand hoeft op zijn 5 katten te passen. Alleen maar voordelen. Sinds het internet is de wereld kleiner geworden. Meneer maakt vaker en meer reizen in een korte periode. Waar anderen een maand doen over een trip naar Azië, heeft meneer diverse continenten in een paar weken bezocht. Zijn zogenaamde trip met de Transsiberië Express van begin vorig jaar is bij velen nog favoriet. Wanneer je meneer er naar vraagt, vertelt hij je kleurrijk over het Rode Plein in Moskou en luister je geboeid over de kraanvogels en kamelen op de uitgestrekte vlaktes van Mongolië. Eigenlijk hoeft je niet meer te reizen wanneer je de avonturen van meneer aanhoort.

Nu is meneer de Jong de laatste weken minder spraakzaam. Soms is hij gewoon afwezig. Meneer deelt niet meer zo vaak zijn reizenverhalen met ons. Niet zo vreemd. Zijn bezoekjes aan de bibliotheek blijven uit, net als zijn televisie. Meneer de Jong is vaak moe. Af en toe denkt hij nog aan een reis, en soms aan een laatste. Voorlopig is het zo ver nog niet en ik wil er niet aan denken. Over zijn laatste reis zullen we geen geweldige verhalen horen.

Ontmoeting

De jongeman stapte bij Haarlem de treincoupé binnen, en wat de oudere man meteen opviel waren zijn lange, in kapotte jeans gestoken, benen. Hij sloot zijn boek en keek even op. De jongeman nam tegenover hem plaats en plaatste zijn rugtas op de zitplaats naast hem. Hij was mooi. Een kop met krullen en een perfect gezicht. Het klassieke uiterlijk leek te zijn gebeeldhouwd uit marmer, waarbij een litteken, misschien per ongeluk of juist bewust door de beeldhouwer, op een van de jukbeenderen was achtergebleven. Het maakte het gezicht af en de blauwe ogen keken de man tegenover hem heel even aan. Vervolgens haalde hij een boek uit zijn rugzak en begon erin te lezen. Het boek, “A Brief History of Time” van Stephen Hawking, werden door de slanke handen gedragen. De oudere man raakte sterk geïntrigeerd in de reiziger tegenover hem. De aantrekkelijke jongeman, in het bezit van volmaakte schoonheid, en toch ook met eenzelfde interesse als hij. Een gelijk boek dat in zijn schoot lag.

De jongeman verplaatste zich op zijn plek en ging wijdbeens zitten. Hij keek even naar buiten naar het voorbijgaande landschap en voordat hij weer verder ging met het bladeren door zijn boek, keek hij even naar de oudere man tegenover hem. Snel keek hij weg, maar de glimlach bleef op zijn gezicht staan terwijl hij een paar bladzijden omsloeg. Het uiterlijk van deze man tegenover hem had een bijzondere aantrekkingskracht op hem. Het was misschien die scheve glimlach, maar zeker de bijzonder donkerbruine ogen, die hem even doordringend hadden aangekeken. Daarbij was de iets te jeugdige kledingkeuze voor een man van zijn leeftijd, ook wat hem in de man aantrok. Een rode hoodie, een spijkerjack en felrode gympen aan zijn voeten. Opgelaten wilde hij wegkijken, maar zijn blik bleef op de schoot van de man gericht. De oude handen rustten op een boek van Stephen Hawking, hetzelfde exemplaar dat hij in zijn handen had.

De oudere man stak zijn hand uit en stelde zich voor als Yannick. Hij vertelde dat hij het boek “A Brief History of Time” meer dan eens had gelezen. In meerdere talen ook. De jonge man ging rechtop zitten, sloot zijn boek en lachte even hardop om de licht arrogante opmerking en hoopte dat de man niet dacht dat hij hem uitlachte om het accent van Yannick. Snel beantwoorde hij de begroeting met een stevig handdruk en stelde zich voor als Kevin. Het boek dat hij had aangeschaft was uit pure nieuwsgierigheid en hij had de hoop het boek ooit uit te kunnen lezen, waarop Yannick aangaf dat wanneer Kevin meer informatie of achtergrond wilde met betrekking tot de inhoud van het boek, hij hem het een en ander met alle plezier uit wilde leggen. Kevin vond dit voorstel en de man leuk.

‘Doe je iedereen een soort gelijk voorstel in het bezit van een boek van Stephen Hawking?’ vroeg hij enigszins uitdagend.
Yannick lachte breeduit. ‘Nee. Dit is eerste keer dat ik een persoon in de trein tegenkom met dit boek,’ zei hij met het licht Frans accent.
Kevin reageerde hierop. ‘Ik lees het boek niet voor school ofzo, maar als je mij het een en ander meer over dit boek kan vertellen, dan hou ik me zeker aanbevolen.’
‘Geen probleem,’ reageerde Yannick. ‘Zal ik jou mijn telefoonnummer geven, of tot waar reis je? Ik stap uit in Amsterdam Centraal, misschien kan ik je bij een kop koffie alvast het een en ander vertellen over het boek.’
‘Ik reis tot Amsterdam Centraal,’ zei Kevin gespannen. ‘Maar ik wil je mijn telefoonnummer best geven, er is een grote kans dat ik je later vast wel meer wil vragen.’
Beide mannen raakten in gesprek over de oerknal, zwarte gaten en het leven van Stephen Hawking. Tussendoor wisselden ze telefoonnummers, en adresgegevens uit.

Aangekomen op Amsterdam Centraal stelde Kevin voor dat ze eerst nog wel koffie konden drinken, hij had nog geen zin om afscheid te nemen. Yannick vond het een goed idee en na het verlaten van de trein liepen ze met zijn tweeën naar het Grand Café op hetzelfde perron.

Stop That Train

Sneeuwval. Het vallen van sneeuw gebeurt vaak en overal. Zo was het laatst nog in het nieuws dat er zeldzame sneeuwbuien vielen in de woestijn van het Saguaro National Park in Arizona, één van de Amerikaanse staten van Amerika. Wanneer het hier in Nederland sneeuwt is het ook meteen nieuwswaardig. Niet omdat de sneeuw zo bijzonder is, maar omdat wij niet met sneeuw kunnen omgaan. Als kinderen kunnen we dat juist wel. Ik heb het dan over sleerijden, sneeuwpoppen maken en het houden van sneeuwbalgevechten.

Nederlanders zijn bij het melden van waarschuwingen voor extreem weer in twee groepen in te delen. Je hebt een groep die zich door niets laat weerhouden en zelfs bij windkracht 11 nog op de fiets boodschappen gaat doen, en je hebt een groep die bij hevige regenval meteen thuis blijft en daarbij meteen alle ramen en deuren in de woonwijk willen barricaderen. Het is het een of het ander. Hoe dan ook: beide groepen weten altijd te zaniken over het advies. Of het is overdreven, of het is niet duidelijk genoeg.

De Nederlandse Spoorwegen nam laatst het zekere voor het onzekere en besloot minder treinen in te zetten, nadat het KNMI code geel had uitgegeven. Dit werkte goed. Of dat door dit besluit van de NS kwam of omdat er bijna geen sneeuw is gevallen, is niet echt duidelijk geworden. Ik ben in ieder geval blij dat ik zonder een omweg of een te lange vertraging van thuis naar het werk (en andersom) kon afreizen. Dat men door mindere inzet van de treinen in een overvolle trein moet reizen, dat neem je dan maar op de koop toe. Je wilt toch meereizen. Ik vind het wel gezellig zo tussen de verschillende mensen te forenzen.

Wederom zijn de Nederlanders ook tijdens deze dagen op het spoor in twee groepen in te delen. De partij die het allemaal prima vindt om geïmproviseerd te reizen (zolang zij maar naar Netflix op het scherm van hun mobiel kunnen kijken) en de andere partij die humeurig, bijna nijdig, in de trein stapt (zij die iedereen beschuldigend aankijken). Emoties zijn er op momenten als deze in overvloed! Zo ook bij de conducteur die laatst zijn geërgerde mening via de intercom aan de reizigers moest delen.

‘Dit is een bericht voor de reiziger die zojuist op station Duivendrecht op het allerlaatste moment de trein binnen sprong. Dit was heel erg gevaarlijk. Ook voor jezelf,’ zei hij geïrriteerd. Daarbij liet hij een dramatische pauze vallen. Alle reizigers in de trein waren bijna verheugd en zeker nieuwsgierig naar de vergelding die hierop zou volgen, maar de conducteur eindigde zijn mededeling via de intercom met de boodschap: ‘Niet meer doen hè!’