Staar

Dinsdagochtend. Ik zit binnen in de wachtruimte bij de ingang van Meander in Baarn. Het gebouw, een medisch centrum, is eind jaren zeventig van de vorige eeuw gebouwd en dat is vooral te merken aan de onechte hoeken van 45°. De architecten van die tijd dachten wellicht dat ze met deze flauwe hoeken meer ruimte konden creëren, voor mij is het als een blokkentoren gebouwd door een peuter waarvan de motoriek, of oog-hand-coördinatie nog helemaal 100% ontwikkeld is. De vergeelde memo’s aan een scheve wand verraden dat de tijd hier niet helemaal met zichzelf meegaat.

De reden waarom ik in de wachtruimte zit, is dat Edo deze ochtend aan zijn oog wordt geopereerd. Een staaroperatie. Hij werd om half acht ontvangen en ligt nu in een behandelstoel om geopereerd te worden. Op dit moment wordt zijn oude ooglens via een kleine opening verwijderd. Dit gebeurt met een heel klein apparaat, heb ik gelezen, welke trillingen uitstoot, waardoor de troebele lens verpulverd wordt. Deze gepulverde deeltjes worden verwijderd en vervolgens plaatst de oogarts de nieuwe kunstlens in het lege kapselzakje van Edo’s oog. De lens ontvouwt zich vanzelf en zet zich daarbij vast.

Dit alles duurt niet lang. Na een klein uur loopt Edo als een moderne piraat (futuristische ooglap!) de wachtruimte in en zijn we klaar om weer naar huis te gaan. Hij is nog onwennig, maar toch ook opgelucht dat de operatie achter de rug is, wanneer hij naast me gaat zitten in de auto. Ik mag nu autorijden. Iets wat zeker niet tot mijn favoriete bezigheden behoort, maar het is niet anders. Edo mag nu niet autorijden. Nadat we de stad zijn uitgereden, de snelweg op, valt het me ook allemaal wel mee. Datgene waar we beiden tegenop zagen (Edo toch wel iets meer terecht dan ik), was in een tijd van nog een paar uur achter de rug. Soms duurt het piekeren en tobben langer dan de uitvoering.

365 Days

A new year.
Wishing you all the best for 2023! May all your wishes come true and may your days be bright. Well, they will be brighter everyday, because we are slowly moving towards spring. Unless you live in the southern hemisphere, then it’s all a different story for you. And I do not envy you. But I wish you all brighter days as in the happy ones.

I do not believe in ‘a new year, a new me’, because you can never be a new person in just a moment (that only happens in magical make believe stories). It goes gradually. If you’re patient enough, to say the least. I have not set any New Year’s resolutions. I just made this deal with myself to see if I can run every day (e v e r y  d a y !) this coming year. That’s over three hundred fifty runs this year.

It wouldn’t be that hard, because since December 3th I already ran everyday, ‘till this day. It’s mostly figuring out when in the day I’m going to do my run. Do I work at home, do I work in Amsterdam, or are there other appointments? I’m curious to see how flexible I can be in the new year. I’ll keep you posted. Hopefully a little more often than the past few months here. 

A Day in The Life of …

Last month I was asked to write a piece about a non particular day in my life for my colleagues at the office.
Today it was published on our intern network.

De wekker gaat om 06:40 uur. Vandaag werk ik vanuit huis, anders had de wekker me een uur eerder gewekt. Na het ochtendritueel van wakker worden en ontbijten stap ik, ondanks het thuiswerken, toch naar buiten voor een wandeling. Sinds de eerste lockdown in 2020 maak ik ‘s ochtends eerst een ommetje van ongeveer een kwartier voordat ik thuis aan het werk ga. Zo creëer ik voor mezelf een beetje een afstand tussen thuis en mijn thuiswerkplek, en het is ook nog eens goed voor de gezondheid.

Wanneer ik om 08:00 uur ben ingelogd, check ik de diverse mailboxen en kijk ik naar de Werkvoorraad Outsourcing van vandaag. Sinds begin november zijn deze nu via de inkijkportal in te zien. Het aantal belacties van mijn klanten is deze morgen minder dan gistermiddag, en niet geheel onbelangrijk; de oudste belacties zijn ook minder. Ik log in, in Teleknowledge en check of er een werkvoorraad klaarstaat, zodat we straks belacties kunnen uitvoeren.

Planning en verlopen wachtwoorden
Om 9:00 uur heb ik samen met het team een meeting via Teams. We bespreken de dagelijkse dingen zoals wie er op inbound staat en wie uitgaand kan bellen, en voor welke klanten we dat laatste kunnen doen. Al snel is er een planning en kunnen we aan de slag. Ik ben naast de normale werkzaamheden druk met allerlei bijkomende zaken en beantwoord een paar ad-hoc-vragen van collega’s. Rond 12:30 uur merk ik dat de emailberichten van enkele klanten niet automatisch in Trust.it zijn ingelezen. Tijdens een kort gesprek met mijn collega van supportdesk blijkt dat intern de wachtwoorden zijn verlopen en dat dit het defect veroorzaakt. In de middag moeten de e-mails weer automatisch worden ingelezen.

Na de lunch ga ik verder met de diverse acties en tussendoor schrijf ik een maandverslag van één van mijn klanten. Vorige maand waren ze op kantoor op bezoek, dus ik moet er even goed opletten dat ik de afgesproken taken goed formuleer. Wanneer ik het verslag heb opgeslagen kijk ik nog even in Trust.it en zie ik dat er nog wel wat mailacties gedaan kunnen worden. Tussendoor importeer ik een disputenlijst van een andere klant in Trust.it. Ook heb ik even contact via Teams met een andere collega over vrije dagen tijdens de feestdagen volgende maand, en ga ik daarna weer door met meerdere acties van diverse klanten. 

De dag goed afsluiten
Ik heb nog ruim een kwartier voordat het tijd is om af te sluiten, en ik besluit een paar belacties voor een klant via progressive bellen in Teleknowledge te doen. Iedere geraakte belactie is er één en het scheelt weer een belactie de volgende dag. Wanneer ik tien belacties heb gedaan is het tijd om af te sluiten en ik wens mijn collega’s via Teams een fijne avond. Voor mij is het tevens tijd om de hardloopschoenen aan te trekken. Vandaag ga ik voor een rondje van acht kilometer. Wederom even een afstand creëren tussen de thuiswerkplek en thuis.

English below:

The alarm clock goes off at 06:40. Today I am working from home, because otherwise the alarm clock would have woken me an hour earlier. After my morning ritual of waking up and eating breakfast, I step outside for a walk despite working from home. Since the first lockdown in 2020, I take a walk first thing in the morning for about 15 minutes before starting the working day at home. This way I create a bit of a distance for myself between home and my home office, and it’s also good for your health.

When I am logged in at 08:00, I check the various mailboxes, and look at today’s Work Supply for Outsourcing. Since early November, these can now be viewed via the insight portal. The number of calls from my customers this morning are less than yesterday afternoon, and not entirely unimportant; the oldest calls have been reduced. I log in, in Teleknowledge, and check whether there is a work stock so that we can perform our calls later.

planning and expired passwords
At nine o’clock, I have a meeting with the team via Teams. We discuss daily things like who is on inbound and who can make outbound calls, and which customers we can do the latter for. Soon a schedule is planned and we can get to work. Besides the normal work, I am busy with all sorts of ancillary issues and answer a few ad hoc questions from colleagues. Around half past one, I notice that the e-mails of some customers are not automatically read into Trust.it. During a brief conversation with Hanneke from support desk, it turns out that internally the passwords have expired and this is causing the malfunction. In the afternoon, the emails should be read automatically again.

After my lunch, I continue with the various actions and in between I write a monthly report for one of my customers. Last month they visited the office, so I have to be careful to formulate the agreed tasks correctly. When I have saved the report, I take a quick look in Trust.it and see that some mail actions can be done. In between, I import a dispute list from another client into Trust.it. A moment later I also have a brief meeting via Teams with another colleague about our days off during the holidays next month, and then I continue with several actions from various customers. 

Finish the day well
I still have 15 minutes left before it’s time to end the working day, and I decide to do a few call actions for a client via progressive calling in Teleknowledge. Every call is an action. When I have done ten calls, it is time to close my laptop and I wish my colleagues a good evening via Teams. For me, it is also time to put on my running shoes. Today I go for an eight-kilometers run. Once again, to create some distance between the home office and home. 

Ontstressen

Via mijn werkgever konden mijn collega’s en ik ons aanmelden voor een cursus ‘verlicht-je-stress-in-vijf-dagen’. Niet dat ik echt stress ervaar in mijn dagelijkse werkzaamheden, maar de werkdruk ligt iets hoger dan normaal, en ik dacht: niet geschoten is altijd mis! Ik vulde de benodigde gegevens in om toestemming te geven om mij dagelijkse e-mailberichten betreffende de cursus te sturen. Ik was wel benieuwd naar wat me geleerd kon worden om met enige stress om te gaan.

Groot was de verrassing toen ik mijn eerste e-mail ontving. Hierin werd mij gevraagd, om meer inzicht te krijgen in mijn stressvolle werksituatie, om een dagboek bij te houden. Ik dacht: een dagboek bijhouden? Stress wordt mijns inziens veroorzaakt door te veel werkzaamheden en men komt op het idee om een stress-dagboek bij te houden. Ik zette deze eerste actie op mijn things-to-do-lijstje. Daags erna ontving ik weer een e-mail. Dit keer het voorstel om twee lijsten bij te houden. Hierop moest ik minimaal 20 voorbeeld schrijven over wat me energie geeft en wat me energie kost.

Ik kan nu zeggen dat ik uit ervaring, en zonder cursus, weet dat wanneer je de werkdruk (stress) wil verlagen, je geen extra taken erbij moet nemen. Ik ben maar gestopt met het opvolgen van deze hulp-e-mails en zal zelf mijn prioriteiten moeten stellen. Zo kom ik er uiteindelijk ook wel.

18th Anniversary of this weblog.

Kunstmatige Intelligentie

Het afgelopen weekend ben ik een flink aantal uur kwijt geraakt aan een nieuw verslavende bezigheid. Op mijn smartphone heb ik de app Facetune gedownload. Dit is een app waarbij je jezelf mooier kan maken op foto’s. Zeg maar digitale make-up. Sinds afgelopen weekend hebben ze er een nieuwe mogelijkheid aan toegevoegd. Door middel van kunstmatige intelligentie kan je nu afbeeldingen van jezelf laten maken door middel van een opdracht. Bijvoorbeeld: Een schilderij van mij, met een puppy, in de stijl van Britse schilder Henry Scott Tuke.

Deze opdracht geeft nog een mooie afbeelding weer, maar er zijn ook random opdrachten, door Facetune bedacht, waarbij er afbeeldingen ontstaan die heel anders zijn dan ik. Deze zijn grappig, soms hilarisch, vaak confronterend, maar ook wel schrikbarend. Op sommige afbeelding wordt ik cartoonachtig afgeschilderd, waarbij alle gezichtskenmerken van mij extra uitvergroot worden. Iedere rimpel in mijn gezicht wordt uitvergroot en verdubbeld.

Het zijn geen foto’s van mij die door een filter gaan. De afbeeldingen worden kunstmatig gevormd door een viertal foto’s die je van jezelf hebt ingevoerd, waarna er door middel van een database van miljoenen afbeeldingen het plaatje wordt samengesteld. Als je heel goed naar het eindresultaat kijkt, is het vaak niet eens mijn (of een) gezicht, maar zijn het alleen een paar strepen en vlekken.
Enfin, ik heb me een paar uur lang vermaakt met steeds nieuwe afbeeldingen te creëren. Ik denk dat ik af en toe de app nog wel eens zal openen, want het is toch wel weer iets nieuws, en soms grappigs. Of soms afschuwelijk.

Pendelen

Het hybridewerken is voor mij inmiddels gewoon geworden. Ik weet niet beter dan dat ik van de vijf werkdagen er twee op kantoor in Amsterdam mag doorbrengen. Vóór COVID was ik er heilig van overtuigd dat ik nooit het type van thuiswerken kon zijn. Ik had collega’s en een werkomgeving nodig om me te motiveren. Altijd had ik het idee dat ik voor de televisie zou blijven hangen en dan de werkzaamheden totaal zal vergeten. Gelukkig is dat een gedateerde gedachte van mij geweest, en werk ik thuis beter, sneller en doe ik ook meer.

Met het reizen naar kantoor ben ik een parttime pendelaar. Twee keer in de week met de trein op een neer naar Amsterdam en weer terug naar Almere. Waar de cijfers in Nederland nog steeds aangeven dat de pandemie nog niet voorbij is, zit ik toch met mede pendelaars binnen anderhalve meter van elkaar in een krappe treincoupe. Alsof maart 2020 nooit heeft plaatsgevonden. 

Maar het pendelen geeft wel weer meer verhalen om te vertellen bij het thuiskomen. Na een dag thuiswerken, is wellicht het meest spannende om te melden dat er weer een brutale colporteur voor de deur heeft gestaan. Wanneer ik vandaag niet naar Amsterdam was afgereisd had ik ook niet kunnen vertellen over het eigenzinnige kind dat op Amsterdam-Zuid zelf uit de trein wilde stappen.

Een vijfjarig kind wilde vanmiddag zelf uitstappen. Zonder de hulp van haar moeder vond ze dat ze zelfstandig genoeg was om op het perron te stappen, en zo vaak als het met kinderen gaat moeten ze nog heel veel leren. Zo ook dit bokkige meisje die de toegestoken arm van haar moeder wegsloeg. Betweterig stapte ze de treden van het treinstel af zonder rekening te houden met de ruimte tussen de trein en het perron.

In een fractie van nog geen seconde stapte ze met haar rechter kinderbeentje in het gat tussen trein en station. De zwaartekracht deed de rest. Gelukkig voor het kind sloeg ze met het bovenlichaam eerst tegen het perron waardoor ze niet op de rails terecht kwam, maar halverwege tussen de voeten van de wachtende reizigers bleef liggen. De schrik van de aanwezigen was al snel voorbij toen het kind ongedeerd, tezamen met haar moeder hun reis vervolgden. Haastig stapten de reizigers snel de trein in. Deze had tenslotte al een paar minuten vertraging.

Diefstal

Na een stilte van bijna 50 dagen vind ik het wel weer even tijd om hier iets te plaatsen. Mijn weblog is als een vage kennis geworden; eens in de zoveel tijd maak ik even tijd om ze aandacht te geven. Het is niet dat ik niets meemaak, of dat wat ik meemaak niet noemenswaardig is, maar ik vind het delen van mijn mening steeds minder belangrijk. Het is niet dat ik vind dat anderen dat ook niet moeten doen, want ik lees graag andere weblogs en diverse columns, maar het spuien van mijn  mening geeft me geen voldoening. En het alledaagse leven om te delen heb ik al eens eerder benoemd op dit blog.

Hoewel?
Sinds dit jaar is het voor het eerst dat onze walnotenvoorraad niet meer goed wordt aangevuld. Het is niet dat onze walnotenboom dood is, of door het veranderende klimaat (is dat wel zo?), dat er geen walnoten meer aan groeien. De reden ligt elders. Onze walnoten worden, nadat ze vers op de grond zijn gevallen gestolen. De daders zijn bekend. Het zijn de eksters die hier in de buurt hun habitat hebben. Ik zat laatst dromerig naar buiten te kijken en zag dat er na een walnotensprong, een ekster zeer enthousiast er achteraan sprong. Walnoot tussen de snavel en op straat voor ons huis naar beneden laten vallen. Om daarna de inhoud zelf op te peuzelen.

Farewell

Less than a week after het brother died, our beloved girlie cat Oprah is no longer with us.
I will miss her terribly. My second shadow and buddy.

Goodbye

Yesterday our beloved cat Harpo was hit by a car and died.
Afterwards he was picked up by the veterinary ambulance.
At the end of the afternoon we got a call that we could pick him up.
I will miss him, that old deaf cat.

23-03-2007 – 07-07-2022

Blij

Gisteren was het eindelijk zover. We konden weer met meerderen tegelijk een officieel rondje hardlopen in Almere; de Almere City Run. Dit was sinds 2019 weer de eerste keer dat we met honderden hardlopers rond het Weerwater konden rennen. Ik hoop dat evenementen als deze voortaan blijven verschoond van annulering door lockdowns of andere pandemie-gerelateerde zaken.

Zoals altijd was ik in aanloop naar de Almere City Run een beetje gespannen. Als een kind dat ’s ochtends weet dat het de dag van het schoolreisje is. Zenuwachtig. Maar dan om de goede, positieve redenen. Een gevoel dat ik de laatste twee jaar te weinig heb meegemaakt. De virtuele runs zijn leuk, maar missen het sensatiegevoel. Daarbij weet niemand langs het parcours dat je een virtuele run doet en zullen ze je niet aanmoedigen.

Bij thuiskomst is alleen de kat of hond blij dat je er weer bent (wanneer de kat nog geen eten heeft gehad). Ook is er thuis niemand die jou die welverdiende medaille om zal hangen. Die krijg je later via de post bezorgd. Prima en leuk, maar sinds de lockdowns en de andere pandemie-gerelateerde opsluitingen, is het ontvangen van post (online bestellingen) een alom bekend gevoel geworden. Het geeft geen emotionele prikkel.

Het officiële hardlooprondje, de Almere City Run, was me dan ook heel welkom. Het opgewonden gevoel in het startvak en het aftellen naar het startsein.  Het moment dat je de hardloopapp activeert wanneer je begint met hardlopen en de korte gedachten van: stel dat ik het net niet redt, die effing tien kilometers. De laatste weken hardlopen gingen ook niet heel vlot. Gelukkig zijn deze pieker-momenten van korte duur en heb je genoeg afleiding van andere hardlopers de mensen langs parcours.

De run ging goed. Geen pijntjes of andere narigheden, behalve een vermoeid gevoel, maar dat kwam meer door het benauwde weer. Na nog geen vijftig minuten liep ik over de finish. Blij dat ik de run in één keer had uitgelopen, blij met mijn tijd en blij met mijn medaille.

Kattenopvang

Zondagmiddag. Ik loop de slaapkamer in en open een lade van de linnenkast om een stapeltje schoon en strak gevouwen wasgoed op te bergen. Buiten schijnt de zon. Over een half uurtje is de zon gedraaid zodat deze op het slaapkamerraam zal schijnen. Ik herinner mezelf er aan dat ik niet moet vergeten straks het rolgordijn naar beneden te trekken, anders is het vanavond te warm in de slaapkamer. Ik sluit de lade van de linnenkast en ik hoor buiten, onderaan het slaapkamerraam stemmen. Het lijkt alsof het gesprek vanuit mijn voortuin komt en nieuwsgierig werp ik een blik naar buiten.

Twee vrouwen vlakbij onze voortuin. Hun auto staat scheef geparkeerd op onze oprit. Ze staan bij, en wijzen naar onze kat in het plantsoentje ernaast. Ze discussiëren over wat te doen. Ik weet niet waar ze het over hebben, maar ik voel aan alles dat ze onze oude, dove kat mee willen nemen. In no time sta ik beneden, buiten in onze voortuin. Nog voordat lk kan vragen wat hier aan de hand is, schrikken de dames zich het spreekwoordelijke hoedje. De dames staan nu midden in het plantsoentje. Hortend en stotend geven ze een antwoord. Ze dachten dat er iets mis met de kat was.

Op mijn vriendelijkst, of wat ervoor doorgaat, vertel ik het duo dat het onze oude, dove kat is en dat hij iets luider miauwt dan gewoon, omdat hij zichzelf niet kan horen. Een mevrouw met een mislukte kleurspoeling (want roze en groene lokken, was dat echt de bedoeling?) en een te strakke ruitjesbroek stapt rugwaarts het plantsoentje uit. De andere mevrouw staat een beetje verscholen achter de mislukte kleurspoeling. In haar rechterhand draagt ze een kattenreiskoffertje. Langzaam en als verslagen stappen ze in hun auto. Ik denk dat ik net op tijd naar buiten ben gelopen, anders had ik een kat als vermist kunnen opgeven.
Welke mensen zijn het die met een kattenreiskoffer in de auto door de stad cruisen om katten ‘op te vangen’?

Weg

Nadat ik na ruim vijf maanden niet meer naar het werk in Amsterdam ben geweest en het thuiswerken sinds vorige maand wekelijks werd onderbroken door een paar werkdagen op kantoor, stond mijn grote vriend/fiets geduldig voor onze reünie op me te wachten bij het metrostation. De fiets was hier en daar roestig verkleurd en met wat spinrag bedekt, maar wel met volle, stevige fietsbanden heeft de herenfiets met de naam Medleygeduldig op mijn terugkeer gewacht. De afgelopen weken bracht hij me kreunende en piepend naar kantoor en weer terug naar kantoor. Afgelopen dinsdagmiddag heb ik ‘m nog veilig in de fietsenstalling van metrostation Sneevliet, beveiligd achtergelaten. 

Totdat ik vanmorgen vroeg tot de ontdekking kwam dat mijn fiets niet meer op me stond te wachten. Ik ben de hele fietsenstalling voorbij gelopen, maar ik heb ‘m niet meer teruggevonden. Na bijna drie jaar trouwe dienst in Amsterdam, waarbij de fiets de meeste tijd in de fietsenstalling stilstond is mijn vriend/fiets weg.

Ik weet nu niet waar Medley is. Ik weet niet of hij tijdens een fietsen-razzia is gedeporteerd of gewoon door een ordinaire dief is gestolen. Misschien heeft een vandaal ‘m meegenomen en ergens als oud schroot achtergelaten. De stalen vriend en ik zijn niet meer samen en zo is er een einde gekomen aan een jarenlange fietsenvriendschap. Ik hoop dat iemand ‘m ooit kan recyclen zodat er een tweede kans voor Medley bestaat. Misschien wordt hij omgebouwd tot glijbaan of draaimolentje voor op een kinderspeelplaats. Waarschijnlijk hoeft hij dan niet meer zo lang te wachten tot er iemand op ‘m gaat zitten. 
Ik mis mijn stalen vriend. 
Nu moet ik voortaan lopend naar mijn werk.

Kiespijn

Donderdagochtend. Vandaag is het weer een werkdag op kantoor in Amsterdam. Aangekomen op het metrostation, waar mijn fiets altijd geduldig staat te wachten om me naar mijn werkplek te fietsen, fiets ik deze ochtend de andere kant op. Ik heb een afspraak met mijn tandarts. Sinds anderhalve week heb ik last van mijn kies. Er zit al een paar jaar een barst in de kies en deze begint op te spelen. Het is nog spannend wat er precies gaat gebeuren, want als de kies in zijn geheel is gebarsten moet deze worden verwijderd, en dit idee staat me niet aan. 

Inmiddels rijd ik over de Vlaardingenlaan richting Amsterdam Oud-Zuid, waar mijn tandarts haar praktijk heeft. Vanzelfsprekend ben ik weer veel te vroeg aangekomen op de locatie van bestemming. Ik had nog geprobeerd zo relaxt mogelijk te fietsen, maar ik ben zoals mijn vader was; veel te ongeduldig en gehaast. Ik maak even een korte wandeling en stap om acht uur binnen. Na een paar minuten wachten in de wachtkamer haalt Hester, mijn tandarts, me op. 

In de tandartsstoel lig ik vol verwachting te wachten op wat er loos is met mijn kies. Hester prikt voorzichtig in mijn tandvlees zodat ik na een paar momenten niets meer voel van haar handelingen in mijn mond. Een oude vulling uit de vorige eeuw wordt vakkundig verwijderd en al snel blijkt dat het een klein barstje betreft en de kies is te redden. Gelukkig. De kies wordt voor nu opnieuw gevuld met composiet (witte vulling), maar dit is een lapmiddel. Ik mag over een paar maanden terugkomen voor een kroon. 

Humanity

This week, after five months of working from home, I finally went back to the office in Amsterdam to work for two days. The strict corona rules are pretty much history (and let’s keep it that way!) and I’ve experienced by now that it’s good to be among people again. To speak to my colleagues in real life instead of a chat or a meeting through Teams. There are those who go very well by living alone, but I am not one of those.

Although I sometimes think otherwise, especially when I travel by public transport from home to work, and back again. The behavior of some fellow travelers makes me wish I should travel alone. Only the lonely. Maybe it’s because of the two years of lockdowns and other strict rules, or maybe it’s because I’m now fifty-five years old, and this ‘golden boy’ just can’t handle the behavior of others very well anymore.

Many people live in their own world, and by that world I mean the screen of their phones. People watching movies or playing games. On the train, I don’t find that strange. You can’t go anywhere until you arrive at your destination. It becomes different when people on bikes, or while walking, are constantly looking at their phone screens. The number of times I had to warn people not to bump into me cannot be counted on one hand.

Maybe I did end up becoming that kind of disgruntled, white and fifty-five-year-old, nagging senior. Old by state of mind, but young at heart forever. I hope.

Memories

For some time now they have been busy renovating the station in the center of Almere. Everything should be finished by next spring. Where at first you could walk through pedestrian tunnels over wooden floorboards to the platforms, these were later demolished to make way for fences and other barriers. They are still very busy rebuilding. You can’t see how far the process is, but you can hear they’re busy, and sometimes you can smell it. When a grinder is going through steel or metal. The penetrating smell that is released takes me back to my childhood in my parents’ birth place Sneek.

In my memory I spent every vacation in Sneek as a child. When I came home from school on Friday afternoons before the vacation, we immediately took the bus to the Afsluitdijk and then traveled through the Frisian countryside to my grandmother. My grandmother lived in a small house in the Ubbo Emmiusstraat and in the back of my grandmother’s house was a large machine factory and there was always that sharp penetrating smell of burned metal. Occasionally you could find small pieces of metal, similar to steel shavings. The kind of things you pick up as a little boy to look at and then throw away carelessly.

Grandma not only lived near the Hubert Machine Factory, but also near the Wilhelmina Park. This city park was located on the other side of the Franeker canal. The park was laid out in 1898. It was designed at the time in the English style by garden architect Gerrit Vlaskamp. What I do remember is that there was an island that could be reached by a small bridge and there was also a specially designed bench for the ‘elderly’ in the style of the early last century. Just like the large aviary, where exotic birds and squirrel monkeys lived. Peacocks walked stately across the many fields. They were beautiful to see, but horrible to hear.

I understand that the park is still in its original condition. Of course, bridges and the like have been replaced with safe ones, but the park is still as it was designed in the late nineteenth century. The park takes you back in time about a hundred years. It seems to me a nice place to relax and on a sunny day it must be wonderful to sit there. I have to travel to Friesland soon, because it’s not wrong reminiscing. Or better, to create new memories.